zondag 27 mei 2012

Recensie: Paul Auster - Winterlogboek


Een levensbeschrijving langs littekens

'Spreek nu voor het te laat is, en hoop dan te blijven spreken tot er niets meer te zeggen valt. De tijd dringt immers.' Aan het begin van het schrijven aan Winterlogboek is Paul Auster bijna vierenzestig, op het eind van het boek constateert hij: 'Je bent de winter van je leven ingegaan.' En dus boekstaaft Auster zijn herinneringen.

Al eerder heeft Auster notities over zijn leven gepubliceerd, in Oefeningen in waarheid bijvoorbeeld, maar die hadden te maken met het thema toeval in zijn oeuvre. In Winterlogboek houdt hij als een registeraccountant de winst- en verliesrekening van zijn leven bij. Auster doet dat aan de hand van opsommingen. Welke lichamelijke littekens heeft hij en wat is het verhaal daarbij? Van het moment dat hij als jongetje glijdend over de vloer van een warenhuis zijn wang openscheurt aan spijker tot aan het verkeersongeluk waar hij, zijn vrouw en dochter enkele jaren geleden het slachtoffer waren.

De opsommingen zijn een goede kapstok om het schrijversleven in kaart te brengen. Auster schiet dan ook heen en weer in de tijd. Dat is niet het geval bij de chronologische opsomming van al zijn woonadressen en de gebeurtenissen die daarbij horen. De reis door het verleden is meteen een beschrijving van mislukte relaties en achterhaalde ambities. Daar waar het misgaat is Winterlogboek mooi om te lezen, daar waar Auster zijn geluk beschrijft, met zijn huidige vrouw, slaat de monotonie wat toe.

Dan volgt een nieuwe opsomming, van doden. Van de vriend die door de bliksem getroffen werd op korte afstand van de jonge Auster en die daarmee het symbool wordt van de grilligheid van het lot tot de dodelijke hartaanvallen en ziektes die familieleden uit zijn leven rukken. Auster heeft gekozen voor een wat afstandelijke manier van vertellen. Hij herinnert zich zijn leven in de je-vorm. Die afstandelijkheid slaat over op de lezer die leest hoe een zoon aan zijn moeder denkt: 'Van alle herinneringen uit je jongenstijd die je aan haar hebt bewaard is het deze die het vaakst bij je bovenkomt.'

Op zijn best is Auster als hij een herinnering volledig beschrijft en je meeneemt in het verleden, op andere momenten blijven de opsommingen wat ze zijn, zoals de opsomming van allerlei soorten snoep die Auster vroeger at. Ondanks die willekeur bemerk je dat je af en toe het boek weglegt, niet uit verveling, maar omdat het boek je eigen herinneringen in gang zet. Ook dat is de kracht van literatuur.

Coen Peppelenbos

Paul Auster - Winterlogboek. Vertaald door Ronald Vlek. De Arbeiderspers, Utrecht. 192 blz. €19,95.
Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 25 mei 2012.


Geen opmerkingen: