dinsdag 17 maart 2015

Kroniek Leeuwarder Courant: Trio

Trio

Onlangs zag ik het Trio Giphart & Chabot in de Oosterpoort in Groningen. Ze waren nog niet bij Pauw geweest dus de zaal zat half vol. De thuisblijvers hadden ongelijk. Het publiek dat er wel was, zat een beetje verscholen in de oplopende zaal. De eerste zes rijen voor het podium waren leeg en dat is voor iemand die optreedt een verschrikking. Je moet over een zwart gat heen spelen. Als docent zijn de klassen waar iedereen achterin gaat zitten altijd het vermoeiendst. Op het podium was er ook een zwart gat, want Martin Bril, de derde van het trio was alleen als foto aanwezig. Met een ode aan Bril - Giphart en Chabot lezen afwisselend teksten van hem voor - wordt min of meer de show voortgezet die in 2008 werd stopgezet door de ziekte van Martin Bril.

In de pauze sta ik in de rij te wachten voor een glas wijn. In de rij naast me staat een lange man die op Anton Corbijn lijkt. Als je moet wachten lijkt het altijd drukker dan je eerst dacht. Vriend Johan, die me voor deze avond uitnodigde, merkt op dat er weinig jonge mensen zijn en als ik om me heen kijk zie ik inderdaad vooral veertigers en vijftigers. Ik associeer Giphart altijd met jong en rebels, maar dat komt omdat ik hem al vanaf zijn debuut volg, hem ontiegelijk vaak geïnterviewd heb - op school of voor een literaire studentenvereniging - en de tussenliggende jaren niet heb geteld. Giphart blijft voor mij een jeugdige schrijver.


Na afloop van de voorstelling nodigt Giphart ons uit om nog een glas te drinken in de kleedkamer. Daar wordt besproken wat in de volgende voorstelling nog beter moet. De lange man die in de pauze stond te wachten zit er ook: het ís Anton Corbijn. Ik ben nu één handshake verwijderd van Bono. Drie kwartier later keer ik opnieuw naar de kleedkamer terug, als ik buiten bemerk dat ik mijn sjaal heb laten liggen. 'Dat doe je alleen maar om Bart in zijn onderbroek te zien,' zegt Giphart. Ik zeg maar dat het klopt. En ja hoor, nog best geile benen voor een zestigjarige.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 14 maart 2015.

Geen opmerkingen: