hij hem

hij hem
Nu in de winkel

woensdag 12 december 2007

Recensie LN: Menno Wigman en Alfred Schaffer - Dagkalender van de poëzie 2008

Ongelezen goed

Dit is de eerste recensie die ik schrijf over een werk dat ik niet gelezen heb. Sterker nog ik ben niet van plan om dit werk in de nabije toekomst uit te lezen. Het is namelijk de Dagkalender van de poëzie 2008 samengesteld door Menno Wigman en Alfred Schaffer.

Het is heerlijk: ik hoef niets te vinden, ik hoef niets te analyseren, ik ga alleen maar bladeren. Ik had natuurlijk ook de Geert Mak-kalender kunnen nemen (ja, die bestaat echt) of de Peter van Straaten-zeurkalender, maar de rechtgeaarde poëzieliefhebber koopt gewoon de poëziekalender.
Deze kalender heeft al een lange historie. Ooit begonnen in een tijd waarin ook nog de Literaire agenda werd uitgegeven is de poëziekalender de ware overlever gebleken. Eerst gemaakt door Hans Warren en Mario Molengraaf (die volgens de dagboeken het meeste werk eraan besteedde) en sinds enkele jaren door Menno Wigman.
Ik denk dat de meeste mensen bij een kalender het eerst gaan kijken naar het vers op hun verjaardag. In mijn geval heeft Wouter Godijn dan een plek op de kalender. Het thema dierendag is gelukkig niet te dik aangezet in het gedicht ‘Familieportret’ dat begint met de intrigerende regel ‘Het konijn moet nog gedrild en de vaat begraven.’
Ik controleer ook even of mijn familie en vrienden met een aardig gedicht bedeeld zijn en check even vlug de feestdagen. Ja mooi, Vasalis op Moederdag, Leonard Nolens op Eerste Kerstdag, nou ja helaas Martin Bril met het platvloerse liefdeslied ‘De tieten van mijn vrouw’ op Valentijnsdag, maar voor de rest is het vol verwachting uitzien naar al die gedichten het hele jaar door.
Grote dichters als Eva Gerlach en Esther Jansma staan in deze bundel naast Femke Halsema en Jan Marijnissen. Diverse vertaalde en mij tot nu toe nog onbekende dichters wachten hun dag af: wie is Y. Th. Vafopoulus en wat schrijft Cahit Sitki Taranci? Meer vertaalde dichters dan ooit schrijven de samenstellers in hun voorwoord. En dat is misschien ook de grootste waarde van zo’n kalender: je ontdekt nieuwe dichters, je herleest oude meesters en je hernieuwt de kennismaking met hedendaagse poëten.
De bundel heeft dit jaar het wat zware thema ‘oorlog en vrede’ meegekregen, zonder daar al te rigide in te zijn, want dat vonden Wigman en Schaffer ‘al te vermoeiend’. ‘Toch zult u heel wat gedichten ontdekken die op leven en dood geschreven lijken,’ schrijven ze, het thema zo breed trekkend dat iedereen de kalender met een onbezwaard gemoed kan kopen en vol verwachting uitziet naar de eerste dag van het nieuwe jaar. Ik kan bijna niet wachten met scheuren.

Coen Peppelenbos

Menno Wigman en Alfred Schaffer (samenstellers): Dagkalender van de poëzie 2008. Meulenhoff, Amsterdam. €14,90

dinsdag 11 december 2007

Beurs voor kleine uitgevers

Zondag vond de beurs van kleine uitgevers plaats in Amsterdam. De grote zaal, het balkon en enkele tussenzalen stonden vol met tafels beladen met boeken. Naast ons stond Maarten van den Elzen van de Hoenderbossche verzen, een erg aardige man, maar met zo'n luid stemgeluid dat je op het einde van de middag moord of zelfmoord wilt plegen. (Intussen ken ik wel de hele reclamepraat van de buurman over zijn laatste uitgave, waarvan Hanz Mirck in Boekblad heeft gezegd dat hij dat het mooiste boek vond wat hij ooit in handen heeft gehad.)

Op het balkon was het wel leuk zitten. Je had een mooi uitzicht over de zaal en af en toe zag je iemand een klein stukje naar beneden tuimelen omdat de doorgang bij de tafels vrij nauw was en het donker van het looppad niet erg contrasteerde met het zwart van een halve meter lager. Dat er niemand een heup gebroken heeft, mag een wonder heten.

Natuurlijk is zo'n middag ook een beetje aapjes kijken: zo zagen we de dichter Erik Solvanger, die vertelde dat hij in het najaar een bundel uitbrengt bij de Bezig Bij, zagen we Tonnus Oosterhoff op de trap druk doende om te voorkomen dat zijn zoontje te grote stappen deed en spotten we Martin Bril die tussen de koopjes van uitgeverij Vantilt neusde.

In de zijzaal stonden Anja de Crom en Hilda Abbing van uitgeverij La Vita. Zij waren net van een groot lesbisch festijn uit Antwerpen gekomen. Uit Groningen was 'de weeklezer' aangereisd. Speciaal voor de sales-manager Jan Hovy en uitgever Peter ten Hoor bracht zij het lied 'Wat ruist er door het struikgewas' ten gehore.

Waarna we opeens tot onze schrik Richard Klinkhamer ontwaarden recht voor ons. Uit angst dat hij ons vermoorden zou, maakte ik een snelle en dus bewogen foto.

Natuurlijk koop je zelf teveel boeken: Coppens & Frenks kon ik niet overslaan zonder iets te kopen en Reservaat had weer mooie aparte uitgaves en bij uitgeverij Demian stond ook een leuke meneer bij wie ik meteen Brouwers in Brussel heb gekocht.

zaterdag 8 december 2007

Top 10 november Uitgeverij kleine Uil

Al vanaf de zomer solide op 1: de Inburgeringscursus Groningen. Ik denk dat we ons zo langzamerhand moeten opmaken voor een volgende druk.

1 Inburgeringscursus Groningen - Frank den Hollander en Herman Sandman
2 In de tweede werkelijkheid - redactie Raymund Prins en Gerben Wynia
3 Opgewekte en nuttige gedichten - Remco Ekkers
4 Heiligschennis - Henk van der Ent
5 Verjaardagsvers - redactie Wilfried Olthof
6 Doodstil - Redactie IJnte Botke, Herman Maring en Coen Peppelenbos
7 Bermspinsels - Pierre Carrière
8 Friese jongens - Doeke Sijens
9 Poëtisch Groningen
10 De honderd mooiste Groningse gedichten - redactie Jan Glas en Jur Engels

vrijdag 7 december 2007

Grafstenen Academiegebouw verdwenen

+ aanvulling: grafstenen zijn kapot
Dat de universiteit nogal rommelig omspringt met haar verleden mag bekend worden verondersteld. In het verleden zijn de lichamen van de 'founding fathers' geruimd uit hun graven en bij elkaar in een massagraf gedumpt (op een katholieke begraafplaats nota bene). Alleen de grafstenen werden bewaard. Niet op een prominente plek, maar in de lelijke keldergang in het Academiegebouw tegenover een fitnesszaal en naast de stofzuigers.
Gisteren werd ik geïnterviewd door Albert Meijer over het boek Poëtisch Academisch Groningen en ik nam hem mee naar die ietwat vergeten plek beneden waarover Jean Pierre Rawie een mooi, historisch verantwoord, gedicht over heeft geschreven. Al snel kwamen we erachter dat de grafstenen vanwege de verbouwing allemaal waren verdwenen.


Navraag bij de portiers leerde dat de stenen waren opgeslagen in een depot in Buitenpost. Op de vraag of ze terug zouden keren zei een portier: 'Misschien eentje, maar niet allemaal.'
We kregen ook nog toestemming om bij de verbouwing op de begane grond te kijken (Remco Ekkers had een gedicht over de kantine gemaakt), maar van de kantine is niet veel meer over.


Tijd voor een dieptereportage in de UK.

P.S. Bij de commentaren hieronder het bericht van Han Borg dat de stenen al in gruzelementen liggen. In de UK van 6 december stond er al een berichtje over van Harry Perton.

donderdag 6 december 2007

Dee terug bij de Dichtclub

Het nadeel van Groningen is dat de meeste mensen er na verloop van tijd weg willen. Ze willen naar Amsterdam (Tsead Bruinja) of Rotterdam (Daniël Dee). Vaak komen dat soort mensen wel weer terug uit nostalgie, maar dan zijn ze al heel oud. Toch blijft Groningen trekken. Gisteren was Daniël Dee terug bij de Dichtclub in café Marleen. Inmiddels heeft hij in Rotterdam iets soortgelijks opgezet. En omdat hij daar nu woont is de bundel Koffiedik zingen ook daar gepresenteerd. Maar een kleine reprise vond gisteren plaats tijdens de maandelijkse bijeenkomst van de Dichtclub.

Natuurlijk las Dee uit zijn bundel het gedicht voor waarin Sinterklaas voorkomt en het gedicht dat hij opgedragen had aan Stefan Nieuwenhuis. Stefan Niewenhuis las natuurlijk ook poëzie voor, maar kreeg te maken met Ruth Koops van 't Jagt die een noodzakelijke sanitaire stop moest maken. Aangezien de dameswc achter de optreedmicrofoon is, kan dat niet ongezien.


Het waren de zenuwen ongetwijfeld. Even later stond ze zelf op de voorleesplek.

De wc is wel de rode draad in dit verhaal, want op de mannenwc hangt een gedicht van Dee. Tijd voor een fotoreportage.



Waarna Dee weer snel aan het signeren sloeg. Hier voor een groupie.

Dichtersvoetenspel 7

Hier is ie dan weer: een aflevering van het dichtersvoetenspel. De versvoeten die in deze schoenen horen, komen uit Groningen, maar de vraag is: van wie zijn deze dichtersvoeten?

De eigenaren van de voeten alsmede minnaars of minnaressen zijn uitgesloten van deelname aan deze volstrekt overbodige edoch zeer interessante wedstrijd zonder prijzen.

dinsdag 4 december 2007

Lachen (2) met Sinterklaas

Alle grappige Sinterklaasfilmpjes.












(Geluidsopname van humoristische schrijver David Sedaris, een Amerikaan over onze Sinterklaas - in Engels)

maandag 3 december 2007

Lachen (1)

Vroeger, toen ik nog dacht te weten hoe relaties werkten, dacht ik dat de sterkte van een relatie vooral afhing van de mate waarin het gevoel van humor tussen de partners overeenkwam. Aan het aantal relaties te zien dat ik achter de rug heb kun je opmerken dat ik een erg particulier gevoel voor humor heb.
Bij wijze van eerste deel van een alternatieve contactadvertentie dus deze opsomming.

LEUK






Soms erg leuk, soms niet

(dit vond ik wel leuk)


(dit vond ik wel leuk)

Niet leuk

erg


twee keer erg


flauwe grappen, geen timing en dom publiek = dagelijkse comedyshow

Een dingetje

Hij heeft liever niet dat mensen op zijn laatste 'dingetje' reageren. Maar lezen mag wel. Dit is een verdomd mooi dingetje van Gerbrand Bakker.

zaterdag 1 december 2007

Tros dumpt Martin Ros (2)

De oude Ros vecht zijn ontslag als boekenbespreker bij de Tros aan en veel mensen vinden dat mooi. In Pauw & Witteman kreeg hij de kans te vertellen over zijn ontslag en vanavond zag ik hem bij Het Gesprek. De presentatoren traden voor hem in het strijdperk en ook medegast Hugo Borst stak de loftrompet. Want Martin Ros is altijd zo enthousiasmerend, want door Martin Ros krijg je zin om een boek te lezen.

Wie meer dan alleen zin heeft en daadwerkelijk wel eens een boek leest, komt al snel tot de ontdekking dat Martin Ros vaak een hele merkwaardige weergave geeft van de inhoud. Of er is geen touw aan vast te knopen of hij vertelt aperte onjuistheden, of hij praat andere recensenten na. Continu op die enthousiasmerende toon; de Theo Koomen van de boekenbranche. Toonhoogte, volume en pathos zijn in tact gebleven, maar de woorden die hij uitspreekt zijn volkomen inhoudsloos geworden. Maar de presentatoren van Het Gesprek genoten. Die oude man, zo enthousiasmerend! Maar in feite lulde Ros maar een eind weg. Binnen een paar zinnen was hij van de Tros afgedwaald naar de Hongaars-Oostenrijkse dubbelmonarchie. Zo enthousiasmerend.

Nu bijna iedereen het zo erg vindt voor Martin Ros is het misschien wel tijd om te zeggen dat de Tros helemaal gelijk heeft. Dat de omroep al heel compassievol geweest is om Ros terug te laten keren op de radio na zijn beroerte, alhoewel iedereen elke week kon horen dat de schelle galm een gebrek aan inhoud maskeerde. Ros kent alleen de inhoud van boeken van lang geleden. Bij elke herdruk van een oude meester kan hij uit een oud vaatje tappen. Nieuwe schrijvers en dichters werden stelselmatig overgeslagen. Hoogst zelden besprak hij een nieuwe schrijver, zoals Gerbrand Bakker. Heel enthousiasmerend. Of hij het boek net gelezen had, terwijl hij een half jaar eerder in een jury had gezeten waarbij Boven is het stil was genomineerd. Merkwaardig.
Ook kan ik me nog goed herinneren dat hij het eerste boek van Kluun lovend besprak, ongeveer anderhalf jaar nadat het was uitgekomen. Een paar maanden later kraakte hij het af in een verbijsterend interview in de Volkskrant. Nu doet hij alsof hij het eerste boek toch goed vond en het tweede boek van Kluun niet.
Ros doet aan de lopende band mesjokke uitspraken. Een paar weken geleden over de Arbeiderspers: 'die geven alleen indianenboeken uit'.

Hij heeft zijn tijd gehad: hij vergeet namen, vergeet titels, vergeet de namen van de hoofdpersonen (slaat hij meestal over), vergeet de intriges, bespreekt bijna alleen non-fictieboeken die gaan over onderwerpen waarbij hij op de automatische piloot kan overschakelen: het communisme, de tweede wereldoorlog, wielrennen, maar als luisteraar krijg je nooit precies te horen waardoor het boek zo geweldig is.

De Tros treedt uiterst vriendelijk op. Ze krijgen nu te maken met een achterdochtige en kwaaiige man die een groot deel van het publiek weet te mobiliseren. Als ze bij Het Gesprek zo dol zijn op deze man, dan kunnen ze hem toch inhuren? Hebben ze er weer een programma bij. Hij schijnt heel enthousiasmerend te zijn.

Nog 1 keer zijn gastoptreden bij Dit was het nieuws: