Regenboogreeks

zondag 17 mei 2009

Recensie Robert Vuijsje - Alleen maar nette mensen

Een karikatuur van de werkelijkheid

Twee weken geleden ontving Robert Vuijsje de Gouden Uil voor zijn in 2008 uitgekomen roman Alleen maar nette mensen. Juryvoorzitter Guy Mortier verwoordde in het juryrapport de mening van de juryleden aldus: ‘Dat alles overtuigend gestalte gegeven in de onmogelijke zoektocht van een witte 'liegman' naar de 'intellectuele negerin' als allerhoogste ideaal, in Nederlands dat swingt als een Afrikaanse tiet,
een ritme dat strakker zit dan een zwarte bil in een te kleine luipaardlegging,
en dialogen die knetteren als de op hol geslagen bedrading in verhitte hoofden.’ Voor de bekroning hoorde je eigenlijk nauwelijks kritiek op het boek, maar nadat Vuijsje de envelop met 25.000 euro in ontvangst had genomen, zwol de kritiek aan.
Vooral zwarte vrouwen zochten de media op en beschuldigden de schrijver van racisme en discriminatie; soms werd voornamelijk de juryvoorzitter of een tv-interviewer aangevallen omdat er verkeerd uit te leggen woorden waren gebruikt.

Laten we nog eens gaan kijken volgens welke regels er gediscussieerd dient te worden. Sinds Willem Frederik Hermans geruchtmakende proces rond Ik heb altijd gelijk bestaat in Nederland de algemeen geldende regel dat een schrijver niet verantwoordelijk is voor de daden en de uitspraken van zijn personages. Deze regel kan vrij breed uitgelegd worden. Ook de strekking van de roman mag wat mij betreft racistisch, seksistisch of homofoob zijn. Je kunt dan nog wel met een moreel oordeel een boek verwerpen, maar dat oordeel moet vooral je eigen opvattingen weergeven; wat nooit mag is het bestaansrecht van een boek ter discussie stellen.
Een schrijver is ook niet verantwoordelijk voor foutieve lezingen. Als een witte man na lezing van het boek een foute opmerking maakt tegen een zwarte vrouw, dan geeft dat vooral de domheid weer van de witte man; de schrijver kan niet voorkomen dat er overhaaste conclusies getrokken worden door slechte lezers.
Wat me vooral opvalt aan de kritiek van enkele zwarte vrouwen is de gretigheid waarmee ze gekwetst willen worden en de onwil om de uitspraken die zij citeren in een breder literair verband te zien. Alleen maar nette mensen is van voor naar achteren een sarcastisch, bij tijd en wijle cynisch boek. Vuijsje gebruikt karikaturen, maar bij de constructie van de roman geeft hij al direct in het begin aan dat hij deze karikaturen bewust inzet: op bladzijde 8 tot en met 10 lezen we onder het kopje ‘De multiculturele samenleving’ een ellenlange opsomming van allerlei vooroordelen van zo’n beetje elk bevolkingsdeel over een ander. Daarmee zet de schrijver de toon voor zijn boek. Alles wat je daarna leest over David en zijn verlangen naar een intellectuele negerin moet je dus binnen dat sarcastische wereldbeeld plaatsen.
Als je de roman redelijk objectief bekijkt, dan zie je dat er met positief verlangen wordt gekeken naar wat er in de wat ik nu maar even globaal de zwarte gemeenschap noem gebeurt. Veel harder is de hoofdpersoon over zijn eigen links intellectuele milieu, waarin men de eigen racistische opvattingen probeert te verbloemen evenals de ouderwetse seksistische ideeën. De vader van David is verantwoordelijk voor een actualiteitenprogramma (‘het enige fatsoenlijke programma op de vaderlandse televisie’) en als hij samen met de hoofdredacteur van een kwaliteitskrant en de beroemde columnist vergadert, dan moet moeder in de tussentijd wel broodjes klaar maken.
Alleen maar nette mensen is vooral een clash van culturen waarbij de excessen die Vuijsje beschrijft (bijvoorbeeld seks in garageboxen in de Bijlmer) wel degelijk voorkomen. Iedere weldenkende lezer zal binnen de opzet van deze roman niet denken dat dus alle zwarte vrouwen zich laten nemen in garageboxen. Wie dat wel doet, heeft helaas een nogal beperkte opvatting van literatuur. Dat zijn mensen die na het lezen van Pinkeltje in de tuin voorzichtig rondstappen opdat ze niet op een kabouter stappen.
Het is jammer dat de discussie niet over de wezenlijke zaken gaat in de lachspiegel die Vuijsje ons voorhoudt: de harde manier van met elkaar omgaan in grote delen van de Bijlmer; de schijnheiligheid van het links intellectuele milieu. Het is makkelijker om een schrijver aan te vallen, dan om in een karikatuur de werkelijkheid onder ogen te zien.

COEN PEPPELENBOS

ROBERT VUIJSJE: Alleen maar nette mensen. Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, 286 blz. €16,50.




7 opmerkingen:

Marjan zei

Ik ben geneigd je te geloven, Coen, hoewel ik het boek nog moet lezen. Ik ben het ook eens met je analyse van de functie van literatuur.

Mijn kritiek geldt dan ook uitsluitend het juryrapport. Moest dat nou zo? Mijns inziens zijn dát nu juist de "overhaaste conclusies van slechte lezers". En als een 'deskundige' jury zich al op zo'n, laten we zeggen onnette manier gerechtigd voelt om allerlei stereotypen de wereld in te slingeren, kun je dan de leek iets verwijten? Ze hadden zich daar verre van moeten houden, want hun woorden staan zeer beslist niet in een verzachtende context.

Overigens wil ook ik nogmaals benadrukken dat de schrijver niet verantwoordelijk is voor uitspraken en conclusies van domme witte mannen. En vrouwen. Ik hoop dat ik dat nog steeds vind als ik het boek uit heb.

Harm Hendrik ten Napel zei

Mensenkinderen, dit gaat helemaal nérgens meer over. Vuijsje lijkt wel uitgenodigd om opgeblazen te worden tot representatie van alles wat mis is met de maatschappij. Ze vallen hem noch het boek aan, wordt er gezegd.. Waarom zit de beste man daar dan!?

Bart zei

Ik vind het vooral zorgwekkend, dat een roman uit de School der Klunen een grote literaire prijs heeft verdiend.

Svetlana Samantha zei

Ik vond het eerlijk gezegd een supergrappig boek, heb me doodgelachen.

Dit tot grote ergernis van mijn moeder.

Voordat ik kon beginnen aan mijn 2e zin, kreeg ik de preek:

"Dit boek wordt geplaatst op de literatuurlijst voor scholieren (halleluja haha, ik heb gelijk een essay gemaakt).

Dit houdt in, dat zeer beinvloedbare jongeren te lezen krijgen hoe een blanke Jood misbruik maakt van de negerin en ze ook negers noemt het hele boek door!

Dit, terwijl ons bruine volk al jaren strijd om van het woord neger af te komen. Dit, terwijl ons bruine volk gedreigd heeft woordenboeken te verbranden op de dam ter demonstratie. Dit, terwijl het woord neger tegen ons gebruikt is, een denigrerend woord, to keep us down, to keep us in "our place"."

Natuurlijk geef ik mijn moeder groot gelijk hierin, maar werd ik boos dat ze nou niet luisterde naar wat ik te zeggen had en wat ik ook naar De Pers heb gestuurd.


Ik ben het met een aantal punten in het boek totaal niet eens.

De hoofdpersoon is dol op voloptueuze Surinaamse vrouwen en dan het liefst zo asociaal en ongeschoold mogelijk, want, zo wordt er gesteld, is op het moment dat de negerin intellectueel wordt, zij geen negerin meer en dus saai.

Hieruit maak ik op dat beweerd wordt dat intellectueel onmogelijk gezien wordt als inherent aan het negerin zijn.

Ook is het zo dat op het moment dat de negerin geen "big mama" is en niet in "trashy" outfits loopt, zij ook geen echte negerin meer is.

Waaruit ik begrijp dat dit ook geen eigenschap is die bij negerinnen kan passen, want dan is zij geen negerin meer, maar een bounty (dit staat er bijna letterlijk in)

Daarnaast komt het voor dat Surinaamse en Antilliaanse meisjes seks met meerdere personen in de kelder hebben. Hier wordt gedaan alsof het alleen de donkere meisjes zijn die zichzelf zo laten misbruiken.

Ik vind dat het ook mogelijk is dat zij zo zelfverzekerd is en bewust is wat zij wil, dat zij zelf bepaald met wie wanneer en met hoeveel man ze seks heeft. (Al is dit dus totaal niets voor mij!)

In ieder geval wordt in het boek verzwegen hoeveel Jolanda's, Margreetjes en Gertruida juniors en waarschijnlijk in diezelfde kelder zijn geweest, waar waarschijnlijk heel de bijlmer overheen is gegaan.

En die gaan vervolgens naar Spanje om met Juan en al z'n amigos (of komt dat uit Mexico ) erover walsen.

Hallo, we zijn toch in Nederland, het land van de parenclubs en de orgiefeesten.

En dan nog iets (hierna ben ik echt klaar). De Surinaamse jongens in dit boek gaan allemaal vreemd en leren de Jood zelfs vreemd te gaan voor hun zus.

In alle tijdschriften die ik lees, staat er elke week/maand wel een verhaal over een vrouw waarvan ze gaat met een man die getrouwd is en kinderen heeft, een man van middelbare leeftijd (!), of een vrouw die is achtergelaten met haar kinderen door haar man van middelbare leeftijd!

Wat is nu erger, een jongere die niet beter weet en z'n wilde haren kwijtraakt. Of de blanke, intellectuele man van middelbare leftijd die er nog een gezin op na houdt?

Come to think of it, vond ik dit boek wel zo leuk ?

Ik raad jullie in ieder geval wél aan om het te lezen, maar haal het maar gewoon in de bieb, of zorg dat je het doorgeeft in de familie zodat wij negers, hem niet rijk maken. (M'n moeder is al boos genoeg dat ik het zelf gekocht heb )

-x- de intellectuele Afro-surinaamse vrouw

coen zei

@ 'Chanel': Je, erg lange, antwoord geeft helaas weinig blijk van je intellectuele krachten. Je gaat er namelijk van uit dat dit boek direct iets zegt over de werkelijkheid, terwijl het alleen maar op een grotseke manier die werkelijkheid beschrijft. En ja, er zijn ook blanken die aan orgies doen, maar toevallig gaat het boek daar niet over.

July zei

Boek=ok

Unknown zei

Vooral blz 200,201,202 zijn erg goed getypeerd.