maandag 22 juli 2013

Kroniek Leeuwarder Courant - Scheepskist

Scheepskist

Het Nederlands Letterenfonds maakte vorige week bekend dat acht debutanten elk 10.000 euro kregen voor het schrijven van een tweede boek. De Haagse dichter Daan de Ligt vond het ‘een Amsterdams feestje’. Eén schrijver komt namelijk uit Groningen, één uit Amstelveen en zes komen er uit Amsterdam. Er zijn ook schrijvers bezig met hun derde roman: 130.000 euro wordt verdeeld onder twaalf auteurs. Daarvan woont de helft in Amsterdam. Buiten de hoofdstad wordt soms met enige argwaan gekeken naar de spreiding van de subsidiegelden (het gebrek daaraan), in Amsterdam wordt het zeuren daarover als provincialisme gezien.
Schrijver Erik Nieuwenhuis (Amsterdam) reageert: ‘Laten we er nou niet zo geheimzinnig over doen. Het verhaal is heel eenvoudig: als je als schrijver naar Amsterdam komt, moet je tijdens je ontgroening tien andere schrijvers pijpen. Voor elke keer krijg je een stempeltje. (Net als bij de Elfstedentocht). Als je je kaart vol hebt, ga je naar het Fonds voor de Letteren en krijg je een vette beurs en een stempeltje waarmee je aspirant-Amsterdammers welkom kunt heten.’


Uw chroniqueur is op vakantie in Brugge. Daar bezocht hij het Guido Gezellemuseum, op veilige afstand van de koetsjes en bootjes met de modale massatoerist. Het is stil in het museum. Het dodenmasker van de schrijver en een gipsen afdruk van zijn schrijfhand liggen in vitrines. Stijn Streuvels vertelt in een lang radiofragment over de onware vertelsels over zijn oom Guido. Zo had de dienstbode opgeschept over de mooie brieven die ze kreeg van meneer Gezelle als hij op reis was. Dat verbaasde Streuvels en zijn familie zeer, omdat naar hun weten de meid analfabeet was.

Bij het zien van schrijvershuizen in andere landen, verbaas je je altijd dat er in Nederland bijna niets te vinden is. Het Louis Couperus Museum, het Multatuli Museum, en dan? Leeuwarden zou verrijkt kunnen worden met een Slauerhoff Museum. In Den Haag bestaat een antiquariaat met een lading aan Slauerhoffmateriaal (waaronder de oude scheepskist). Samen met wat manuscripten, foto’s en filmpjes, wordt een literaire toerist daar erg gelukkig van. Een compleet opgetuigd museum is niet eens nodig. Een klein hoekje in Tresoar zou al voldoende zijn. Geen vaste collectie natuurlijk, want ‘Alleen in mijn gedichten kan ik wonen’.

Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 20 juli 2013.

(foto: © Coen Peppelenbos)

Geen opmerkingen: