hij hem

hij hem
Nu in de winkel
Posts tonen met het label kroniek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kroniek. Alle posts tonen

woensdag 8 juni 2016

Literaire kroniek: Foutje

Fout

Iedere schrijver en journalist maakt fouten en kent het fenomeen van de lezer die je verbetert. Ik bedank de oplettende lezer altijd omstandig. Op een site kan ik de fout corrigeren, in de krant moet de fout wel heel bar zijn wil er een rectificatie komen.

Vorige week citeerde ik een deel van een gedicht van Driek van Wissen. Dezelfde dag kreeg ik een mail:



De dame had volledig gelijk en toch veroorzaakte haar bericht enige wrevel. Ik ken haar van lang geleden, ze mailt nooit, maar nu ze in de krant één lettergreep te veel ontdekt, stuurt ze mij een belerend bericht. Die onderhuidse wrevel deel ik met meer auteurs. Ik ken een schrijver die een paar jaar over een boek gedaan had en nadat het boek uitkwam van een vriendin een lijstje kreeg met de fouten die hij kon verbeteren in de tweede druk. Al had ook die vriendin gelijk, zo’n lijstje komt harder aan dan een kraakrecensie.

Bij lezingen en interviews zijn er altijd mensen in de zaal die na afloop blijven hangen om te zeggen welk woord je fout uitsprak en welke vraag je eigenlijk had moeten stellen. Zo zijn er ook altijd mensen die achteraf zeggen dat ze een heel fijne middag hebben gehad, maar dat ze er niets van hebben verstaan. Onlangs presenteerde ik een boek in Purmerend. Op de heenweg dronk ik een mango-passievrucht-smoothie van Albert Heijn. Toen ik het flesje weer dicht deed viel er wat vocht uit de dop op mijn broek. Pas de volgende dag kwam ik erachter dat de smoothie een wat verdachte, grote vlek had veroorzaakt ter hoogte van mijn kruis. Daar heb ik de hele avond mee in de spotlights gestaan. En niemand die daar dan iets van zegt.

Coen Peppelenbos

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 4 juni 2016.

vrijdag 3 juni 2016

Literaire kroniek: Driekdag

Driekdag

In Café De Wolthoorn & Co werd afgelopen zondag de Driekdag gehouden. Een bijeenkomst die jaarlijks rond de sterfdag van Driek van Wissen wordt georganiseerd. Een dag waarop dichters en Driekliefhebbers samenkomen. Uit heel het land, behalve Friesland, komen ze naar Groningen. Sinds Van Wissen het gedicht ‘Anti-Fries’ geschreven heeft is hij de Ebru Umar avant la lettre in Friesland:

Als Holland winters is getooid,
En wij van kou welhaast verrekken,
Blijkt Friesland dichtbevolkt met gekken,
Die ’s winters gekker zijn dan ooit.

De maffe koppen, strak gelooid,
Ontspannen plots in losser trekken
Terwijl zich rond de stuurse bekken
Een soortement van glimlach plooit.

In Groningen wordt om dat gedicht altijd gegniffeld, in Friesland is alleen Cornelis van der Wal in woede ontstoken en zijn enige claim to fame is dat hij een ametrisch ‘Anti-Driek-lied’ heeft gemaakt waar de verongelijktheid van afspat

Zijn demente pen kan slechts beledigingen kwijlen.

Wat anderen voor humor aanzien is eigenlijk kwaadaardig en gestolen
Vul voor Friezen Turken in en Driekje wordt direct gearresteerd
Professionele hulp is voor dit foute warhoofd aanbevolen
Of hij dient vertrapt te worden door een groot Fries peerd.

Dat Friese paard is Van Wissen bespaard gebleven; hij vond de dood in Istanboel.



Ik zat met een vriend al een uur voor de Driekdag begon in het café om nog een plekje naast de microfoon te bemachtigen. We zagen Corien Bleeker, de vrouw van Driek van Wissen, in een opperbest humeur en we zagen Jean Pierre Rawie, diens literaire wederhelft, in zijn element. We zagen Kees Torn en Ivo de Wijs en een hele stoet aan dichters. Er mocht rijm, ritme en humor gehanteerd worden bij de gedichten en de mensen in het inmiddels bomvolle café hoefden niet moeilijk te kijken. Je mocht gewoon in het openbaar lachen bij de poëzievoordracht. ‘We hebben alle boeken van Driek,’ zei een vrouw tegenover me. Ze was met haar man uit Noord-Holland komen rijden om de middag te kunnen meemaken. Als Van Wissen in Noord-Holland moest optreden, kwam hij altijd even langs. Oude vrienden die op deze middag door de poëzie van anderen dichter bij Driek waren. Deze poëzie begreep ze tenminste, zei ze. Het was geen aanval, maar een constatering.

Coen Peppelenbos

De volledige gedichten zijn terug te lezen in Ik proef iets wat bedorven is, een verzameling hekeldichten.

(Deze column verscheen in iets kortere vorm in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 28 mei 2016.

dinsdag 24 mei 2016

Literaire kroniek: Sssst

Sssst

Vorige week bracht Tzum naar buiten dat Charlotte Dematons (bekend geworden door haar megaprentenboeken Sinterklaas en Nederland) zou opstappen bij uitgeverij Lemniscaat. Boekblad had net het nieuws gebracht dat jeugsboekenauteur Koos Meinderts vertrok bij Lemniscaat en wij wisten dat Dematons zou volgen. Eén bron is echter geen bron, totdat we van een andere betrouwbare bron hetzelfde bericht binnenkregen en we konden overgaan tot publicatie.

Gesprekken met auteurs gaan nooit over de keuze voor een bepaald perspectief maar altijd over de buitenechtelijke affaires van deze of gene collega. Je hoort ook nog eens welke auteur een hekel heeft aan zijn eigen uitgever of de waarheid over talkshowhosten die geen letter gelezen hebben of de aanstaande overstap naar een ander uitgevershuis. Ook grote schrijvers houden van de kleine feiten omdat ze een voorbode zijn van grote veranderingen. Ilja Leonard Pfeijffer schreef in Brieven uit Genua over zijn ontmoetingen met Gerrit Komrij: 'We voerden gesprekken tot diep in de nacht, over poëzie en literatuur, wat vooral inhield dat we de hele Nederlandse literatuur in alfabetische volgorde moesten doornemen, van Robert Anker tot Joost Zwagerman, waarbij vooral werd stilgestaan bij de smakelijke weetjes en de recente roddels.' Heerlijk, maar als ik aan tafel zit, zeggen auteurs bij voorbaat dat er niets in de krant mag komen. Elke journalist heeft een kerkhof vol ongebruikte kennis.

Bart Temme, de schrijver van het stuk over Dematons werd de hele dag belaagd door sms-berichtjes en telefoonoproepjes van de uitgeverij. Ik kon het zien, want ik nam op dat moment mondelinge tentamens met hem af. Om de paar minuten begon zijn mobieltje te trillen op tafel. Tijdens één mondeling legde het mobieltje wel een halve meter af over de tafel. We moesten het leugenachtige artikel van de site halen en wel direct. Maar ja, nieuws in de openbaarheid is als een scheet in een volle lift: erg moeilijk om ongedaan te krijgen. Wel plaatsten we het bericht dat de uitgeverij ontkende dat Charlotte Dematons wegging bij Lemniscaat. En deze week het bericht dat Dematons via een persbericht liet weten dat ze toch weggaat bij de uitgeverij.

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 21 mei 2016.

Literaire kroniek: Palmen

Palmen

Ik durf het bijna niet te bekennen, maar ik ben op bladzijde 75 gestopt in Jij zegt het van Connie Palmen. Dat ligt niet aan de schrijfster die ik bewonder, en ook niet aan het onderwerp van de roman die afgelopen maandag de Libris Literatuurprijs won, maar aan de stijl. In Jij zegt het is Ted Hughes aan het woord die vertelt over zijn verhouding met Sylvia Plath, de dichteres die in 1963 zelfmoord pleegde. Palmen verwerkt in de zinnen uitweidingen, die van bijzin naar bijzin lopen, van gedachte naar gebeurtenis en alhoewel ik een liefhebber ben van lange, goed geconstrueerde zinnen had ik tijdens het lezen last van die monsterzinnen. Ik citeer:

Ik dacht dat het de vermoeidheid van de urenlange tocht was, de beklimming van de steile heuvels, de overweldigende indruk van een waar geworden roman, maar nee, snikte ze, dat was het allemaal niet, het was de vergankelijkheid, de restanten van een leven, van Emily's leven, een halfwees, op haar dertigste dood, met één roman op haar palmares, een jaar voor haar dood gepubliceerd, onder pseudoniem - ook dat nog - en dat ze als schrijver nooit had geweten hoe beroemd ze zou worden, een wereldwijde, postume roem die een lezer op deze dag - helemaal vanuit Massachusetts - naar de Wuthering Heights had geleid om haar, Emily Brontë, te zoeken, en dat - ze schaamde zich ervoor - het monster van jaloezie haar opeens in de kuiten had gebeten.


Alsof er steeds op de rem getrapt wordt. Bij één zin is dat niet erg, maar bladzijde na bladzijde deze zinsconstructies consumeren is erg vermoeiend. Binnenkort begin ik opnieuw, want ik wil als lezer niet falen. Daarnaast las ik venijnige tweets die haar in de elitaire hoek zetten; 'elitair' is tegenwoordig voornamelijk een scheldwoord. Dat ressentiment moet je bestrijden. Voor het bovenstaande citaat heb je vijf tweets nodig. Palmen is het allemaal om het even. In een interview vroeg Kristien Hemmerechts: 'Lig je ervan wakker wat mensen van je vinden?' Palmen: 'Nee schat, ik lig ervan wakker dat ik te veel drink.'

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 14 mei 2016.

maandag 9 mei 2016

Literaire kroniek: Wrang

Wrang


Op Schiphol zie je hoe Nederland zichzelf verkoopt aan het buitenland. Voornamelijk als een verzamelplaats van multinationals en daartussen ontwaar je af en toe wat posters met kaas, tulpen en molens. Wie in Lissabon aankomt, ziet hoe Portugal zich toont aan de wereld. Op weg naar de metro zijn de wanden beschilderd met tientallen karikaturen van bekende Portugese schrijvers, wetenschappers en kunstenaars.
Fernando Pessoa
In het blauwgeverfde metrostation Parque kom je langs citaten uit de wereldliteratuur weer boven de grond. Pessoa, Camões natuurlijk, maar ook Nietszche, Pindarus, Democritus en Plato. Beneden op de perrons wordt de geschiedenis van de ontdekkingsreizen van Portugal op een kunstzinnige manier verbeeld, waarbij ook de zwarte kant van de geschiedenis aan bod komt. In het hotel, waar ik met mijn moeder en zus zit, is dat anders. Daar hangt beneden in de ontvangstruimte nog gewoon een schilderij van de onderwerping van een zwarte leider die op zijn knieën gaat voor een Portugees. Benieuwd of daar ooit over geklaagd wordt door de gasten. Het mooie aan de discussies over ons eigen slavernijverleden, ons taalgebruik (negers, zwartjes), Zwarte Piet is dat de vanzelfsprekendheid van het alledaags racisme wordt ondermijnd.

In de jaren zeventig was de hele familie Peppelenbos op vakantie in Zell aan de Moezel. Half pension. Mijn ouders konden goed opschieten met de wat oudere eigenaar tot het moment waarop de oude baas vertelde dat hij ook wel eens in Nederland was geweest. Mijn ouders waren eerst nog oprecht geïnteresseerd totdat ze erachter kwamen dat de man in Nederland had rondgelopen tijdens de oorlogsjaren. Geen vakantie. Een mooi tijd, vond de pensionhouder met weemoed. De zelfgemaakte Moezelwijn smaakte iets wranger. Mijn moeder die bij de bevrijding als souvenir en afscheidssaluut van de Duitsers een granaatscherf in haar been kreeg, voelde iets minder weemoed bij die tijd.

De volgende ochtend werden we vroeg wakker van het geluid van een helikopter die landbouwgif over de wijnranken sproeide.

Wij laten de buitenlanders op Schiphol geen wetenschappers, kunstenaars of schrijvers zien. Dat zijn mensen die lastige vragen stellen. Kaas, tulpen, molens. Handel. Dat is nog altijd de VOC-mentaliteit, maar dan gevangen in clichés.

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 7 mei 2016.

Literaire kroniek: Belangrijk

Belangrijk

Als de CPNB iets organiseert, dan gebeurt het in hoofdletters. Zo kunnen we sinds vorige week meedoen aan de Verkiezing van het Belangrijkste Boek. We zitten namelijk in het Jaar van het Boek. Nu kun je mij geen groter genoegen doen dan met het maken van lijstjes, maar in dit geval zijn de criteria wat diffuus. Wat verstaat de CPNB onder Belangrijk? 'Omdat het je wereldbeeld heeft veranderd, je het las op een belangrijk moment in je leven of omdat je het gewoon heel erg mooi vindt.' De CPNB kwam alvast met een tiplijst van honderd boeken, die door tien 'curatoren' in (natuurlijk) De Wereld Draait Door werd voorgesteld. Een memorabele uitzending vol Baylonische spraakverwarring. Adriaan van Dis zag maar één van van zijn favorieten terugkeren op het lijstje dat hij moest vertegenwoordigen, de Vlaming Tom Lanoye had alle Vlaamse boeken van zijn lijst gewist omdat de Vlaamse zusterorganisatie mot had gekregen met de CPNB, de curatoren wisten niet of niet vertaalde titels ook op de lijst mogen (wat wel het geval is), de curator jeugdboeken, Jan Paul Schutten, kende de kinderboekenschrijver J.B. Schuil niet en curator en Bekende Nederlander Frank Evenblij kwam met een Tomadorekje boeken aanzetten (Youp van 't Hek, Kieft, Amy Groskamp-ten Have) waarbij het woord 'Belangrijk' bij niemand zou opkomen.

De chaos werd nog groter. Ik stemde op Sprakeloos van Tom Lanoye en zag toen dat er drie versies van Sprakeloos op de lijst stonden. Voor de zekerheid heb ik drie keer gestemd. Het verdriet van België van Hugo Claus stond er niet op en die wilde ik toevoegen, maar dat mislukte. Nadat ik het gemeld had, kon het gelukkig wel. De verkiezing nodigt ook uit om foute boeken op de lijst te zetten. Mein Kampf is een verboden boek, maar je mag het boek wel op de lijst zetten. Er staan al even foute reacties onder van fake deelnemers: 'Life changing and truly inspiring piece of work.'


Inmiddels heb ik op 163 boeken gestemd - je mag zo vaak stemmen als je wilt - en ik ga net zo lang door tot ik een bibliotheek bij elkaar heb.

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 30 april 2016.

Literaire kroniek: Schijtlaarzen

Schijtlaarzen

'Schijtlaarzen,' noemde Charlotte Mutsaers de auteurs van De Bezige Bij die zich teweer stelden tegen de komst van Dyab Abou Jahjah, maar niet uiterste consequentie uit hun weerzin trokken: vertrekken. Leon de Winter, Jessica Durlacher en Marcel Möring , de schijtlaarzen in kwestie, kunnen zo bij een andere uitgeverij terecht. Ik denk dat Hollands Diep van Robbert Ammerlaan, oud-directeur van De Bezige Bij, ze met open armen ontvangt. Lang kan het niet meer duren als je leest wat Möring in NRC Handelsblad schreef aan het adres van Abou Jahjah: 'Het is mijn recht om het met jou en jouw onsamenhangende ideeën oneens te zijn en ergens anders heen te gaan als mij dat niet zint. Jij kunt gewoon je antisemitische vergelijkingen blijven maken.'


Het pamflet Pleidooi voor radicalisering dat deze zomer verschijnt zorgt al wekenlang voor een veenbrand bij het toch al zo geplaagde uitgevershuis. Ou-uitgever Wouter van Oorschot werd afgelopen zondag nog over de Abou Jahjah-rel geïnterviewd in Buitenhof. Waarom juist hij was uitgenodigd bleef volstrekt onduidelijk, omdat hij nog nooit iets van Abou Jahjah had gelezen. Toen de presentatrice hem vroeg waarom uitgeverij Van Oorschot ooit Reis naar het einde van de nacht had uitgegeven van de antisemiet Céline, schrok hij helemaal. Hij was niet gekomen om zich te verantwoorden voor het uitgeefbeleid van zijn vader en het gesprek werd snel weer in de veilige haven van nietszeggendheden geleid.

Van Oorschot gaf maar één boek uit van Céline, uitgeverij Meulenhoff het grootste gedeelte van zijn oeuvre. Concentratiekampoverlevende G.L. Durlacher (1928-1996), de vader van Jessica Durlacher, werd ook uitgegeven door Meulenhoff. Je zou graag willen weten wat wat hij over deze kwestie dacht. Uitgevers zijn vrij om uit te geven wat ze willen, schrijvers om te schrijven wat ze willen en lezers om te lezen wat ze willen. Daarom is het goed om het kleine oeuvre van G.L. Durlacher zo vlak voor de eerste meiweek aan te raden. Lees bijvoorbeeld Strepen aan de hemel, nog geen honderd bladzijden brengen je ideeën over goed en kwaad in de wereld aan het wankelen. Eén zo'n boek rechtvaardigt een complete uitgeverij.

Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 23 april 2016.

maandag 18 april 2016

Literaire kroniek: Exclusiviteit

Exclusiviteit

Als halve uitgever zat ik vorige week in het publiek bij RTL Late Night waar 'onze' auteur Rob Stoker sprak over het boek dat hij geschreven had over de moord op zijn dochter Kim en zijn teleurstelling over het rechtssysteem in Nederland dat vooral het belang van de moordenaar voorop stelt. We waren bij Humberto Tan terechtgekomen, nadat een tussenpersoon bij de publieke omroep Stoker had proberen onder te brengen bij een actualiteitenprogramma. Nieuwsuur, Brandpunt, dat moest zeker lukken, was ons verzekerd, maar de weken verstreken en ondanks toezeggingen gebeurde er niets. Wel kregen we oekazes op de uitgeverij dat we exclusiviteit moesten garanderen. De auteur mocht niet eerder optreden in andere tv-programma's, ook niet in regionale.

De bom barstte toen we onze voorjaarsfolder, veel te laat, naar buiten brachten. RTV Drenthe zette op de eigen site een nieuwsbericht dat het boek eraan kwam. De Drentse omroep had Stoker meteen willen interviewen, maar dat verboden we, omdat we nu eenmaal exclusiviteit hadden beloofd. Toch was dat korte nieuwsbericht met de aankondiging van de verschijning te veel van het goede voor onze tussenpersoon. We kregen een mail vol verwijten, het vertrouwen werd opgezegd en de samenwerking stopgezet. Het gebeurde zo rigoureus dat we vermoedden dat hij geen enkele poot tussen de deur had kunnen krijgen bij welk programma dan ook. We stuurden een mailtje naar RTL Late Night en ontvingen binnen een paar uur de uitnodiging om in de uitzending te komen. En ja, ook zij hadden graag exclusiviteit, maar de redacteuren bij Tan brachten het meer als een verzoek dan een eis.


We lieten onze tussenpersoon weten dat Stoker samen met zijn dochter Els bij Humberto Tan aan tafel zou schuiven. Dat was dan aan hem te danken, mailde de tussenpersoon terug, want hij had de eindredacteur van Nieuwsuur benaderd en die had veel contact met de eindredacteur van RTL Late Night. We mochten hem wel dankbaar zijn. Nee, schreven we, we hebben gewoon een mailtje gestuurd. De invloedrijke tussenpersoon viel toen stil. Mijd dus tussenpersonen en onthoud: de commerciële omroep is soms veel aardiger dan de publieke.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 16 april 2016.

zondag 17 april 2016

Literaire kroniek: Brands

Brands

In de necrologieën wordt Wim Brands neergezet als een briljant interviewer die altijd alles goed voorbereidde. Het eerste deel klopt: Brands was als geen ander in staat om een gast te laten praten. De voorbereiding liet wel eens te wensen over, al merkte je daar als kijker meestal niet zo veel van. Met Nick ter Wal was ik een keer te gast bij het radioprogramma De Avonden. Brands presenteerde het programma samen met Erik Jan Harmens. Het gesprek was al halverwege toen Brands aanschoof in de studio, de bloemlezing van A. Marja die wij hadden samengesteld op een willekeurige bladzijde opensloeg en over dat gedicht een vraag stelde waardoor het leek of hij de hele bundel gelezen had. 'Wat ik ook interessant vind...'

Nick las 'Het huwelijk' voor, het bekendste gedicht van Marja: 'Ik heb je alles gegeven: / een gedicht, mijn maandsalaris / en een kind; wil je nu even / kijken of het eten klaar is?' Het gedicht zorgt normaal altijd voor een lach, op zijn minst een glimlach. 'Wat een vervelend gedicht,' oordeelde Brands, waardoor we werden uitgedaagd betere gedichten te kiezen. Even later kwam de stokoude Ferdinand Langen (hij is van 1918) aan de telefoon om zijn herinneringen aan de practical joker Marja op te halen, terwijl wij de dichter achter de grapjas juist wilden belichten. We reisden wat katerig terug naar huis. De luisteraars vonden het echter een prachtige uitzending. Het zij Brands vergeven. Je zult in Nederland maar literaire radio- en tv-programma's moeten maken met een klein team. Zal met de dood van Brands het laatste literaire tv-programma verdwijnen? Ik hoop dat invaller Jeroen van Kan door mag gaan.

'Berichtgeving over suïcide kan dus een direct fataal of juist levensreddend effect hebben,' zegt psychiater Jan Mokkenstorm in Vrij Nederland. Je heb het Werther-effect, genoemd naar de zelfmoordgolf na de verschijning van Die Leiden des jungen Werthers van Goethe, maar er bestaat ook een Papageno-effect, genoemd naar het personage uit Die Zauberflöte die alternatieven voor de zelfmoord aangereikt krijgt en kiest voor het leven. Ik wens iedereen veel Mozart toe in zijn leven.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden op 9 april 2016.

maandag 4 april 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Partner

Partner

Das Mag Uitgevers is een oorlog begonnen tegen Bol.com. De internetgigant verlangt van uitgevers een steeds hogere korting. Als u een boek koopt in de reguliere boekhandel voor twintig euro, dan gaat daarvan grofweg acht euro naar de boekhandel. Bol.com heeft geen boekhandel, maar vraagt kortingspercentages die oplopen tot 50 procent. Uitgevers gaan contracten aan met Bol.com omdat de dikke blauwe enkele tientallen procenten van hun complete omzet vertegenwoordigt. Het is een wurggreep waar je niet uit komt.

Toine Donk, uitgever bij Das Mag heeft genoeg van het gedrag van de machtigste internetboekhandel (in het buitenland speelt hetzelfde, maar dan heet de gigant Amazon) en wilde de nieuwe, slechtere, voorwaarden niet tekenen. Bol.com spreekt altijd van 'partner' en 'samenwerkingsovereenkomsten' maar zij bepalen de regels. Als je kritiek levert dan nemen ze stappen. Zo kun je de boeken van Das Mag niet meer kopen bij Bol.com. Natuurlijk mag je als winkel zelf bepalen wat je verkoopt en Albert Heijn onderhandelt ook scherp met zijn leveranciers, maar toch riekt het naar chantage. Wie niet doet wat wij zeggen, boycotten we.

Bij de literaire site Tzum hebben we een partnercontract met Bol.com. Als je op een linkje klikt en een product koopt, dan krijgen wij vijf procent van het aanschafbedrag. Schrijven we iets kritisch over Bol.com dan krijgen we boze mails. 'Tenslotte wil ik graag nog even aankaarten dat we bij het bol.com Partnerprogramma uitgaan van een partnerschap waarbij de belangen in dezelfde richting wijzen. Een artikel met de titel ‘Bol.com kampt met grote computerproblemen’ is niet alleen bezijden de waarheid, maar getuigt van weinig achting richting ons als partner. Mocht daarom, ondanks mijn toelichting, het gevoel aan jouw zijde blijven bestaan dat bol.com niet de juiste match is om geld te verdienen met je online activiteiten en dat de lasten niet opwegen tegen de verdiensten, dan adviseer ik je om je aansluiting op het bol.com Partnerprogramma te heroverwegen.' Dat schreef de 'Manager Partnerprogramma'. We hebben het artikel laten staan, ook omdat we in de luxe positie verkeerden dat we onze rug recht konden houden. Soms is partnerruil een aanlokkelijke optie.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 2 april 2016.

maandag 28 maart 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Wolken

Wolken

Het vijftigjarige schrijversjubileum van Koos van Zomeren is een beetje ongemerkt voorbijgegaan. Zelfs NRC Handelsblad, de krant waarvoor hij jarenlang een column schreef, besteedde geen aandacht aan het jubileum, noch aan het boek Alles is begonnen dat ter gelegenheid van het jubileum verscheen. Ik houd erg van zijn oeuvre, van de detectives die hij in het begin schreef, de romans en de meer persoonlijke boeken. Van Zomeren doet daarnaast erg zijn best om nog tijdens zijn leven vergeten te worden. Hij zit niet op Twitter, hij zit niet op Facebook, sterker nog: de computer is een uitvinding die hij overgeslagen heeft. In zijn laatste boek heeft hij zelfs weer de pen herontdekt. De schrijver weet het zelf: 'Blijkbaar zend ik signalen uit op een golflengte waarop niemand meer afstemt.'

Zo'n figuur nodig je natuurlijk niet uit voor een talkshow. Wel Stella Bergsma, die maandag in Pauw een stukje mocht voorlezen uit haar boek: 'Mannen zijn klootzakken. [...] Ik geloof dat het is omdat ze altijd willen neuken. Dat schijnt van een vreselijke klootzakte te zijn. Ze spugen wat, krabben in hun kruis en drinken hun biertje. Neuken willen ze, vaak met vrouwen.' De andere gasten wisten uit gêne niet waar ze moesten kijken, niet omdat het over seks ging, maar omdat het stuk zo erbarmelijk slecht geschreven was. Er volgde een Twitterstorm vol beledigingen, maar Bergsma heeft een eigen schare fans die het geweldig vindt wat ze doet. 'Soms is het hard maar nog vaker ontroerend. Het raakt me maar ik weet niet waarom,' tweet 'Zjanette' en schrijfster Karin Giphart stelt op Tzum: 'En net als Jan Wolkers, Reve en Giphart eerst compleet de grond in moesten, moet Bergsma dat ook. Om vervolgens te worden verheven tot literaire wolken.'


Of Bergsma ooit tot literaire wolken verheven wordt, wat dat ook maar moge betekenen, is de vraag. Ik stel me Koos van Zomeren voor die 's avonds laat naar Pauw kijkt en zich afvraagt waarom hij daar niet zit. Ik heb de tv uitgezet. Als je Alles is begonnen leest, weet je waar echte literatuur werkelijk om draait.

vrijdag 25 maart 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Eiland

Eiland

Maandagavond in de Boekenweek. Schrijver Jaap Robben, die net over de grens bij Arnhem woont, reed via Friesland, waar hij de Waddenzee wilde zien, naar Hoogezand. Auke Hulst reed vanuit de Randstad met zijn riante Fiat naar de streek waar hij is opgegroeid (het buurtschap Denemarken, bij Schaaphok rechtsaf). Ik boemel met de trein langs Roodehaan, Foxhol en Kropswolde. Alleen al vanwege de plaatsnamen zou Bordewijk uit zijn graf moeten opstaan om een Oost-Groningse roman te schrijven. Tranendal, Sint Vitusholt, Hongerige Wolf.

De bibliotheek zit in een complex waarin ook het gemeentehuis en het theater zitten. In de voorverkoop zijn elf kaartjes verkocht voor de literaire avond, maar tegen achten wordt het drukker. Ons zaaltje wordt gevuld door vrouwen van alle leeftijden. 'Waar zijn jullie mannen?' vraagt Auke Hulst. Als op het laatst toch nog een man binnenkomt, krijgt hij bijna applaus. Er had nog een man kunnen zitten, maar de meneer van de Bruna blijft bij zijn boekentafel naast de bar waken.

Birk van Jaap Robben speelt zich af op een eiland ergens in de Noordzee. 'Bij elke lezing vertelt een lezer me dat hij het eiland ontdekt heeft, maar ik heb het volledig verzonnen.' Het gebied zat zo goed in zijn hoofd dat hij precies wist wat de hoofdpersonen zagen als ze uit het raam keken. Auke Hulst heeft voor zijn toekomstroman Slaap zacht, Johnny Idaho een eilandengroep bedacht. Op een van de eilanden zitten de machtigen en rijken zich samen veilig te wanen. De kaartjes van de eilanden, ook voor de minder geprivilegieerden, staan in het boek. Op zijn site kun je inzoomen op de straatnamen: er is een Nick Leeson Street en zelfs Wim Kok heeft een straatje dat naar hem vernoemd is. Een zijstraatje weliswaar, maar langer dan de Wouter Bos Street.



Na afloop van de geslaagde avond sta ik alleen op het perron. In het fietsenhok staat een straalbezopen Hoogezander minutenlang klaterend te pissen. Ik weet waar de mannen waren. De volgende dag wordt duidelijk dat Hoogezand-Sappemeer met twee andere gemeenten opgaat in een supergemeente. Midden-Groningen wordt de nieuwe plaatsnaam.

Deze kroniek verscheen in de Leeuwarder Courant op 19 maart 2016.

donderdag 17 maart 2016

Kroniek Leeuwarder Courant - Plieng

Plieng

Ik heb de verzameling typmachines van Willem Frederik Hermans gezien. Om die te kunnen bezichtigen moet je naar Gent afreizen en de boekhandel Limerick opzoeken die iets buiten het centrum ligt. De boekhandel deed een paar jaar geleden terug aan een competitie om deze bijzondere schrijverserfenis, die na de opheffing van het museum Scryption in Tilburg dakloos was geworden, in de wacht te slepen. Limerick won, onder meer ten koste van Groningen. Behalve de mensen in Groningen vond iedereen dat de typmachines zo ver mogelijk uit de buurt van de door Hermans gehate stad moest blijven.

Boekhandel Limerick is een pijpenla: het grootste deel van de zaak vind je na een smal gangetje waar in een literair Walhalla terechtkomt. Het kan dus nog steeds: een boekhandel voeren met goede titels, zonder stapels bestsellers, cadeauboekjes en andere rotzooi. In een goede boekhandel herken je de hand van een eigenzinnige eigenaar. Na die boekhandelsdroom vind je weer een smal gangetje met de toegang tot de kamer vol typmachines van Hermans, keurig schoongemaakt en tentoongesteld. Honderdzestig stuks, van die grote ijzeren Remingtons tot die handzame plastic Olympia's.

Typmachines Willem Frederik Hermans

Boekhandelaar Gert Brouns was licht verbaasd toen zijn winkel de collectie toegewezen kreeg. Wat nu de tentoontstellingsruimte is, was een paar jaar geleden een opberghok vol dozen en boeken. 'We hadden maar een klein stukje vrijgemaakt voor de commissieleden die bij de kandidaat-erfgenamen langskwamen,' zegt Brouns, 'maar kennelijk waren ze overtuigd van onze plannen.' De Hermansverzameling vormt een extra attractie voor de literaire reiziger. Je moet wel oppassen voor een opflakkerend heimwee naar het ouderwetse typen en dan bedoel ik niet dat flodderige typen op het toetsenbord van je computer of moderniteiten als een elektrische typmachine, maar het ouderwetse keiharde rammen op een mechanische typemachine, waarbij je aan het eind van de regel plieng hoorde en de wagen terug moest duwen. Oh, het netjes rechtzetten van het papier, het uit de machine trekken van het papier, de geur van inkt. Ik moest me enorm inhouden om niet in het wilde weg mijn 'aanslag' uit te proberen. Ik ga een typmachine adopteren.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 12 februari 2016.

maandag 7 maart 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Waar

Waar

Volgens mij klopt dat niet, dacht ik, toen ik het prachtige Brieven uit Genua van Ilja Leonard Pfeijffer las om voor de krant te bespreken. In het Privé-domeindeel valt veel behartenswaardigs te lezen over de grens tussen feit en fictie, waardoor je bij voorbaat op je hoede bent, maar soms klopt er echt iets niet. Pfeijffer beschrijft een ontmoeting in 2012 met Rosita Steenbeek. Hij heeft niet veel op met haar als schrijfster vanwege 'het warme, goudkleurige strijklicht dat in haar boeken om de haverklap op de pastelkleurige palazzi van haar zo innig geliefde Rome valt, maar ik moet zeggen dat zij als drinkmaatje haar mannetje stond.'

Steenbeek verklapt dat de belangrijkste reden voor haar vertrek bij De Arbeiderspers de roman De droom van de leeuw is van de 'geparfumeerd formulerende' Arthur Japin. Daarin tekent hij de geschiedenis van Rosita Steenbeek in Rome op. 'Als ik nou zijn demente omaatje zou zijn, kon ik het nog begrijpen. Maar ik ben zelf schrijfster. We zitten nota bene bij dezelfde uitgeverij,' zegt Steenbeek verontwaardigd tegen Pfeijffer. Japin is aan de haal gegaan met de geschiedenis van Steenbeek, is de conclusie.



Vreemd, want Steenbeek schreef al over haar romances in Rome (met onder meer schrijver Alberto Moravia en regisseur Federico Fellini) in haar debuut De laatste vrouw in 1994; de roman van Arthur Japin kwam uit in 2002 en ging voor een groot deel over zijn eigen ervaringen in Rome waar hij samen met Rosita naartoe ging om een carrière te starten als acteur. In 2008 kwam Steenbeek juist over van haar uitgeverij Prometheus naar De Arbeiderspers. Zes jaar na verschijning van het boek is ze dus nog niet boos. Pas tien jaar na verschijning van de roman De droom van de leeuw is ze zo kwaad geworden dat ze vertrekt en haar geluk gaat beproeven bij Ambo|Anthos. Dat is wel een erg secundaire woede.

De Steenbeekanekdote kan eenvoudigweg niet kloppen. Benieuwd of die anekdote over David Pefko, Daan Heerma van Voss en Jamal Ouariachi die twee Roemeense hoertjes op hun hotelkamer bestelden dan wel waar is.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 5 maart 2016.

woensdag 2 maart 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Duitsland

Duitsland

Over twee weken is de Boekenweek al begonnen. Omdat het thema Duitsland is en allerlei boeken van het Duits in het Nederlands worden vertaald (en andersom, want in oktober zijn Nederland en Vlaanderen 'Ehrengast' op de Frankfurter Buchmesse), onderzocht ik hoeveel Duitse literatuur ik vorig jaar heb gelezen. De uitkomst is beschamend: nul boeken. Ik zocht verder, maar ook in 2014 niets. Pas in 2013 kom ik een vertaald boek van Judith Schalansky tegen. Eén boek in drie jaar tijd, dan kun je jezelf geen kenner noemen, terwijl ik toch dacht dat ik een beetje op de hoogte was. Sinds mijn eindexamen heb ik weinig meer in de taal zelf gelezen. Ik vraag me af of de leerlingen met de exameneisen van nu - ten minste drie literaire werken bij Duits - een lekkere start hebben om liefhebber van de Duitse literatuur te worden. Ik heb nog steeds het schrikbeeld voor ogen van een leraar Duits die in bijna elke zin een citaat van Goethe vlocht.

Schrijver en programmamaker Arjen Lubach hekelde onlangs in zijn satirische tv-programma alle aandacht die Nederlandse talkshows en nieuwsprogramma's schenken aan de voorverkiezingen in Amerika. Nog ver voor Super Tuesday (de dag waarop een heleboel staten voorverkiezingen houden, komende dinsdag is het weer zover) werd Twan Huys al ingevlogen om verslag te doen, naast de correspondent die al aanwezig was, en toen Huys terug was mocht hij ook nog bij De Wereld Draait Door verslag doen van zijn verslag. Over de verkiezingen in drie Duitse deelstaten komende maand horen we niets, terwijl Duitsland onze grootste handelspartner is en de belangrijkste motor achter de Europese economie.



In januari was ik bij het Letterenfonds om te praten over Schwob-boeken. Dat zijn vergeten of onontdekte boeken die het meer dan verdienen om uitgegeven te worden. Terwijl de uitgeverijen staan te dringen om jonge Amerikaanse of Engelse auteurs uit te geven, weifelen ze over meesterwerken uit andere talen. Straks wordt de hele Duitse literatuur nog verschwobt. 'Alles nahe werde fern,' zei Goethe al. Om dat te voorkomen ga ik dit jaar minimaal drie Duitse literaire werken lezen.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 27 februari 2016.

zondag 21 februari 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Huppelintbos

Huppelintbos

'Zou je het erg vinden,' vroeg Nick ter Wal, samensteller van De kunst is mijn slagveld, vorig jaar aan mij, 'als ik ook brieven van Nanne Tepper opneem waarin jij uitgescholden wordt?' Sinds januari weet ik wat mijn bijnaam is bij Tepper: Huppelintbos. Nou ben ik in goed gezelschap van 'Japie Zwelgerman' (Joost Zwagerman) en 'Ronald Gifhart'. Tepper is zo blij met zijn naamgrapjes dat hij ze honderd keer herhaalt.

Al vanaf zijn debuut heb ik een weerzin tegen het proza van Nanne Tepper (1962 - 2012) en dan met name het type schrijver: de drinkende, verslaafde, depressieve schrijver die zich klagend en miskend door het leven ploegt. Word dan aardappelboer, als je het schrijven zo zwaar vindt. Maar nee, de literatuur is een sacrale opdracht en de schrijver is degene die van het scheppen een ware zelfkastijding maakt. Of zoals Tepper het verwoordt: 'Ach, eigenlijk zou dit een ideaal leven moeten zijn: de methodiek van de analfabete scholast (al blijft genoemd adjectief mij kwellen), het heilige leven tussen boeken en inktpot, kluizenaarschap, regelmaat en orde - het verlangen naar vruchtbare verveling, maar soms trekt het avontuur van het stadsleven nog aan me, al moet ik niet zeuren na een puberteit die volledig was gewijd aan de liefde en vijftien daarop volgende jaren van drank, dope, muziek en nachtleven.' En je denkt precies dát, na de zoveelste brief waarin de rest van de literaire wereld niet snapt hoe goede literatuur in elkaar steekt, de zoveelste klacht over zijn uitgeverij, over de rommel die uitgegeven wordt en zijn eigen inertie: zeur niet zo!



Probleem is echter dat ik bevriend ben met Nick ter Wal, de brievenbezorger. Aardig, bescheiden, humorvol: allemaal eigenschappen die je bij Tepper met een kaarsje moet zoeken. De afgelopen maanden had ik in het café al veel gehoord over de totstandkoming van de brieven, de kleine vetes achter de schermen, het doorzettingsvermogen van de vriendin van Tepper en de reacties van enkele ontvangers van de brieven op de publicatie en dat was honderd keer leuker en interessanter dan die brieven. Heilige schrijvers zijn alleen genietbaar via hun apostels.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 20 februari 2016.

zondag 14 februari 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Staartje

Staartje

Er waart een spook door letterenland en dat spook heet de Lezeres des Vaderlands. Wie de Lezeres des Vaderlands is, blijft voorlopig in nevelen gehuld, maar sinds drie weken houdt ze op haar blog bij hoeveel aandacht de boekenbijlagen besteden aan boeken van vrouwelijke auteurs en hoeveel recensies geschreven worden door vrouwen. 'Niet alleen zijn het vooral mannen die hun inkt mogen spuien, ook wat er besproken wordt heeft opvallend vaak een staartje.' De uitkomst is schokkend en past tegelijkertijd in een trend die in een groot deel van de wereld zichtbaar is. Hoewel uit onderzoeken telkens blijkt dat vrouwen meer boeken kopen en lezen dan mannen, spelen ze bij de beoordeling van die boeken een ondergeschikte rol. Zo had NRC Handelsblad vorige week twaalf stukken van mannelijke recensenten en drie van vrouwelijke. Van die vijftien recensies waren drie kleine recensies gewijd aan vrouwelijke auteurs. Met die schamele twintig procent scoorde de krant nog beduidend hoger dan Vrij Nederland en De Groene Amsterdammer die de vrouwen maar gewoon oversloegen.

De noordelijke kranten plaatsten vorig jaar een balkje met 'leesvrouwen' bij recensies over boeken van vrouwelijke auteurs. Dat balkje verdween ook plotseling weer, want wat bedoeld was als een actie om schrijfsters wat meer aandacht te geven werd al snel een balkje dat pijnlijk duidelijk maakte dat ook wij als krant tekort schoten.



Mannen, het mensensoort waartoe ik ook behoor, vergeten doorgaans dat ook zij moeten meedoen met de emancipatie. Ik merkte, bij de samenstelling van boekenlijsten voor mijn studenten, dat ik altijd automatisch boeken van mannen koos. Die lijsten worden niet slechter als je de verhouding tussen man en vrouw (en in één moeite door de verhouding tussen blank en niet blank, tussen homo en hetero) wat diverser maakt. Om met de woorden van de Canadese minister-president Justin Trudeau te spreken toen hij zijn kabinet presenteerde dat een afspiegeling was van de samenleving: 'Because it's 2015.'

Wie in de ogen van de Lezeres des Vaderlands ondermaats presteert, maakt kans op de Loden Leesbril. Kun je toch nog iets winnen met je gebrek aan aandacht.

vrijdag 12 februari 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Creuset

Creuset

'Er gaat geen uur voorbij / of er komt honger bij.' Een regel uit de bundel Neem en lees die als geschenk voor de poëzieweek werd geschreven door Stefan Hertmans werd geschreven. Hij trad vorige week met enkele andere Vlaamse dichters op in een watertoren in Groningen. Dichter Didi de Paris had hoogtevrees en de glazen lift aan de buitenkant van het monument is dan geen pretje. Of het nu aan de watertoren lag of aan de volgorde van de dichters, er zat niet echt schwung in de avond. De presentatrice waarschuwde de dichters halverwege dat ze de lauwe reactie van het publiek niet verkeerd moesten interpreteren, omdat lauwheid de hoogste staat van uitgelatenheid is die Groningers kunnen bereiken.

Na afloop van de avond wandelde ik met redactrice Roos Custers en Stefan Hertmans naar het centrum. Het gesprek ging niet over de waarde van poëzie, maar over Creuset-pannen. Dat zijn, zo leerde ik, de beste pannen die er zijn. Pannen met levenslange garantie. Zowel Custers als Hertmans kookten in pannen van Le Creuset. Hertmans was behalve dichter ook huisman. Halverwege de wandeling vroeg Hertmans, omdat het wat stil aan mijn kant bleef, of ik ook kookte. 'Ik ben meer van het opeten,' antwoordde ik enerzijds naar waarheid, anderzijds beschaamd met mijn keukenkastjes vol Hema-pannen.



Als adolescent in Raalte kwam je nooit schrijvers tegen. Pas tijdens mijn studie zag ik ze in het wild. Zo stond ik een keer aan de bar met Remco Campert rode wijn te drinken. Dat wil zeggen: hij was aanwezig, afgedaald van de Olympus, en ik stond toevallig met een studievriend in zijn buurt. Hij begon met ons te praten en wij dachten dat we moesten reageren met moeilijke vragen over zijn werk. Dat was niet de bedoeling. Schrijvers in het wild snakken naar gesprekken die niet over literatuur gaan. Praat over de liefde, de dood, pannen van Le Creuset, desnoods over een tv-programma, maar in hemelsnaam niet over literatuur. Toen liet Campert een boertje. Het was meer een oprisping dan een boer, maar toch duidelijk hoorbaar. God werd mens. We konden praten.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 6 februari 2016.

zondag 31 januari 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Baksteen

Baksteen

'Fuck de canon,' schreef Christiaan Weijts in NRC Handelsblad, nadat hij de literatuurlijst van een gymnasiumleerling onder ogen had gekregen. 'Ze sleept scholieren langs verstofte monumenten, vergeelde murmelaars van vroeger die in muffe kamertjes hun belegen aftrekfantasietjes neerpenden.' Waarom altijd weer die Max Havelaar ('die afgrijselijke monumentale baksteen') en niet 'Gimmick!, Tirza, Joe Speedboot. Geef ze Giph of De helaasheid der dingen.' Hoogleraar Thomas Vaessens was op een studiedag in Groningen niet erg onder de indruk van de tegenvoorbeelden van Weijts. Je kon aan de voorbeelden die Weijts gaf zien dat de romanschrijver ook alweer van een oudere generatie was. Daarnaast wordt de keuze die Weijts voorlegde in de argumentatietheorie 'het valse dilemma' genoemd. Je kunt én moderne boeken lezen die aansluiten de leerling én klassieke werken waardoor ze in contact komen met andere werkelijkheden dan hun eigen belevingswereld.



Volgens mij is het vrij simpel. Je hebt vier factoren: de leerling, de docent, het boek en de maatschappij. De maatschappij, via de politiek, eist wat scholen op hun examenprogramma zetten. Op de havo lezen ze 8 literaire werken, in het vwo 12 waarvan drie werken van voor 1880. Dat zijn de minimumeisen. Zelfs al wil Weijts iets anders, op het vwo bestaat nu eenmaal de verplichting om drie klassieke werken te lezen. Als we willen dat die minimumeisen veranderen dan moet dat via de politiek regelen. Daarmee komen we op het boek en de leerling. Zorg ervoor dat het boek aansluit bij leesniveau van de leerling. Je kunt de baksteen Max Havelaar klassikaal door de strot duwen, maar sommigen zijn daar nog niet aan toe, anderen wel. Toen ik op het vwo zat wilde ik Multatuli wel lezen, terwijl anderen in mijn klas ervan gruwden. Daarmee komen we op de docent. Die moet ervoor zorgen dat het juiste boek bij de juiste leerling komt. Het is mooi als een docent zo enthousiast is dat hij zijn leerlingen met plezier klassiekers laat lezen. En je bent in de aap gelogeerd als hij zelfs van Joe Speedboot een baksteen weet te maken. Maar wees gerust: een lezer zonder bevlogen docent vindt de literatuur uiteindelijk ook.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 30 januari 2016.

dinsdag 26 januari 2016

Kroniek Leeuwarder Courant: Aristide

Aristide

De eerste keer dat ik Aristide von Bienefeldt in het echt tegenkwam, raakte ik hem ook weer kwijt. Een Tzum-borrel in Café Eik en Linden in Amsterdam bracht recensenten, columnisten en redacteuren bij elkaar die elkaar nooit eerder hadden ontmoet. Bij een literaire website zijn de contacten voornamelijk digitaal. Von Bienefeldt had een aantal vrienden meegenomen als buffer voor het geval wij alleen maar moeilijke literaire gesprekken aangingen over Bourdieu en daar moeilijk bij zouden kijken. Gelukkig bleek niemand uit de Tzum-kringen uit dat literaire hout gesneden. Een goed literair gesprek bestaat vooral uit ankedotes, roddel en achterklap en rituele bevestigingen van de literaire voorkeuren. Aristide showde intussen zijn twee onafscheidelijke attributen: een rood Spa-flesje en een rode pruik. Die rode pruik heeft iedereen aan tafel daarna op gezet om te zien hoeveel jaar jonger zij werden. Daarna zouden we met een groot gezelschap gaan eten, maar ergens in de buurt van de Zeedijk ontstonden er twee groepen die elkaar uit het oog verloren.

Aristide von Bienefeldt denderde de vaderlandse letteren binnen met Bekentenissen van een Stamhouder, een heftig boek, waarna ook meteen verhitte discussies volgden over de man die achter dit weelderige pseudoniem schuilging. Na zijn debuut verschenen nog enkele boeken met heftige seksuele scènes (Max Pam wenste de schrijver ooit een dodelijke ziekte toe). In weerwil van zijn stevige boeken was hij in het echt een uiterst aimabele, zachtaardige, attente en hoffelijke man. Trouw ook. Toen zijn redacteur, Bart Kraamer, bij Meulenhoff werd ontslagen, stapte hij uit solidariteit ook op, waarna de uitgeverij al zijn boeken in de ramsj smeet.

Aristide von Bienefeldt
Het was lastig voor Aristide von Bienefeldt om een nieuwe uitgeverij te vinden. Hij probeerde het bij enkele grote uitgeverijen in Amsterdam, maar waarschijnlijk waren zijn boeken te grillig, te apart voor leesclubjes en bestsellerlijsten. Bij uitgeverij Marmer uit Baarn vond hij onderdak. Over twee weken verschijnt daar zijn laatste boek: de novelle Hotel Malinconia.

Aristide von Bienefeldt is 51 jaar oud geworden. Zijn pseudoniem was jonger dan zijn naamgever, Rijk de Jong, want die was van 1959. Vorige week vrijdag overleed hij, vijf jaar gewonnen op de dood.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 23 januari.