hij hem

hij hem
Nu in de winkel
Posts tonen met het label Maria Stahlie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Maria Stahlie. Alle posts tonen

maandag 1 december 2014

Kroniek Leeuwarder Courant: Vergeten

Vergeten

Trouw was er vorige week vroeg bij: de beste boeken voor 2014 werden al gekozen. Dat is wel pech voor de schrijver die de komende maand nog een boek publiceert. De recensenten mochten ook een boek tippen dat nodig vertaald of herdrukt moest worden. Uitgevers zijn dol op dit soort aanbevelingen, want iedereen wil zijn eigen Stoner ontdekken. De Volkskrant had de boekenbijlage bijna helemaal gewijd aan vergeten schrijvers. Op de voorkant van het katern Sir Edmund stonden twintig portretjes met de vraag: 'Van welke van deze schrijvers kent u de naam nog? Precies. Vandaar Sir Edmunds grote vergeten-schrijversnummer’. Toch stonden er ook schrijvers op die onlangs nog een nieuwe roman publiceerden, zoals Pim Wiersinga en Maria Stahlie. Op mijn vraag of hij het erg vond tussen de vergeten schrijvers te staan antwoordde Wiersinga laconiek: 'Goed zo! Mijn vijfde roman - Het paviljoen van de vergeten concubines - wordt dan vanzelf een tweede debuut.'

Critica Fleur Speet was minder gecharmeerd van de bijlage. Ze schreef een ingezonden brief aan de Volkskrant (die niet geplaatst werd): 'Een van die schrijvers is Maria Stahlie. Een maand geleden leverde zij haar vuistdikke roman Egidius af. Die roman werd vorige week in deze krant besproken. De redactie van Sir Edmund is wel erg kort van memorie.' Op Facebook kraakt ze en passant de recensie van haar collega: 'Het is allemaal DWDD-infantilisering: snel, zogenaamd grappig, wat aanstippen, maar nergens meer de diepte ingaan, hoge idealen nastreven. Hoe ironisch dat juist Maria Stahlie in haar laatste boek daartegen tekeer gaat!! (wat niet werd opgemerkt door Daniëlle Serdijn in haar recensie de week ervoor, ook al zo typisch: het grootste thema van een boek missen).'


Een vergeten schrijver die opnieuw uitgegeven gaat worden is Ab Visser, oud-criticus van deze krant. In februari verschijnt de roman De buurt bij Lebowski, de uitgeverij van Stoner, dus wat dat betreft zit hij goed. 'Uitmuntend' schrijft het Nieuwsblad van het Noorden in 1953 en de Friese Koerier loftuit 'uitstekend boek'. De buurt gaat over de omgeving waar Visser opgroeide in Groningen. Die hele buurt is inmiddels weggevaagd. Je kunt er nu naar de Mediamarkt.

zaterdag 5 februari 2011

Recensie Maria Stahlie - Scheerjongen

Word geen weekdier

Elke roman kun je terugbrengen tot een enkele zin. Scheerjongen van Maria Stahlie is te reduceren tot: adolescent leert het echte leven kennen. De eerste grote liefde, de eerste keer gedumpt worden en alles wat daartussen zit, maar vooral het besef dat de wereld niet is zoals je die gedroomd had.

Aldo Rossi krijgt het op vakantie bij zijn opa in Italië hard te verduren. Hij treurt om een meisje dat verdwenen is uit zijn bestaan, maar wordt hardhandig door zijn opa uit zijn zelfmedelijden gehaald. De oud-bokser en barbier dwingt Aldo tot een allereerste, uitgebreide scheerbeurt, de eerste keer dat hij als man wordt behandeld. Eenmaal in de stoel zijn de handelingen van opa liefdevol, maar zijn boodschap is stevig: word geen weekdier. Hij stelt zijn kleinzoon het voorbeeld van diens geëmigreerde overgrootvader voor ogen die ooit een lange reis maakte per boot van Amerika naar Italië, daarop nog een voetreis om uiteindelijk een vrouw over wie hij in de krant had gelezen een klap in het gezicht te geven. Waarna hij de reis terug ondernam. Dat waren nog eens kerels.

Terug in Amsterdam wil Aldo Rossi een ‘Italiaan Oude Stijl’ te worden, allesbehalve een weekdier. Als hij voor school een maatschappelijk stage loopt in een verzorgingstehuis krijgt hij de kans om zijn nieuwe ik te laten gelden. Kan hij de katatonisch in zijn stoel zittende bejaarde man weer tot leven wekken? Is hij opgewassen tegen de krengige maar mooie verpleegster op wie hij straalverliefd wordt? Er gaat van alles mis en dan gaat zijn moeder ook nog vreemd met de vader van zijn beste vriend. Tijd om echte keuzes te maken.

Scheerjongen leest vlot weg, maar die Aldo Rossi wil niet echt tot leven komen. Hij blijft te veel een speelbal van de literaire ideeën van de auteur. Komt er bijvoorbeeld een scheerbeurt in het begin voor, dan wordt dat gespiegeld door een scheerbeurt later waarbij Aldo de oude man gaat scheren, in de hoop hem tot een reactie te verleiden. Mooi beschreven, maar een te opgelegde literaire truc. Storend is echter de stijl. Stahlie maakt vaak gebruik van zinnen die zonder noodzaak in drie puntjes eindigen. Die zinnen zijn soms nogal ongeloofwaardig. Zou een barbier, terwijl hij bozig zijn kleinzoon scheert, zo spreken: 'Een idealist… is in onze wereldwijze ogen een dromer, een romanticus, iemand die de werkelijkheid uit het oog is verloren.' Dat zijn de woorden van een schrijver. Op andere plekken is de woordkeuze op zijn zachtst gezegd vreemd: 'Hij merkte dat zijn gezicht zich vermande.' Kan een gezicht zich vermannen? Kun je dat merken? Soms is de woordkeuze merkwaardig grof: 'Aldo borg zijn uitgepiste pik weer op in zijn kletsnatte broek.' Het zijn dit soort zinnen die benadrukken dat je met een literaire constructie te maken hebt. Zinnen die je telkens uit het verhaal halen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn geweest.

Coen Peppelenbos

Maria Stahlie – Scheerjongen. Prometheus, Amsterdam, 232 blz. €17,95
Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 4 februari 2011