Gevonden
Op de fotosite Flickr publiceert de Vestdijkkring een brief van Gerard Reve. In het begin van zijn carrière was Vestdijk nog lovend over Reve, na diens overgang naar de katholieke en homoseksuele kerk was de waardering voorbij. De volksschrijver reageert stekelig op het verzoek een bijdrage te leveren voor de Vestdijkkroniek. 'Ik heb er echter noch de lust, noch de tijd voor. Bovendien vind ik Vestdijk een onleesbaar schrijver en in het persoonlijk leven vond ik hem een abjekt reptiel: laf, inhalig, onbetrouwbaar en voor geld letterlijk voor alles te porren.' In Moeder en Zoon laat Reve een fictieve Vestdijk optreden, Onno Z., bij wie de toetreding tot de katholieke kerk mislukt. 'Religie is geen mening of overtuiging, maar een ervaring, die met het vermogen tot mythies denken en met het gevoel te maken heeft. Onno Z. bezat tal van fakulteiten, maar niet die van het gevoel: elk werkelijk menselijk gevoel was hem vreemd.'
In brieven durven schrijvers nog te zeggen wat ze willen. Van Gerrit Komrij verscheen vorige week een brief op de veilingsite Catawiki waarin hij aan uitgever Martin Ros uitlegt hoe hij zich in het begin van de jaren negentig voelde bij zijn uitgeverij. 'Ik begon de laatste jaren bij De Arbeiderspers zo’n beetje de indruk te krijgen dat ik een mummie in een mausoleum aan het woorden was. Een vergeten osselap in een deftige slagerij.' In 2000 stapt hij alsnog over naar De Bezige Bij. De brief leverde 47 euro op.
Uit de correspondentie tussen Gerrit Komrij en Jeroen Brouwers in de jaren tachtig, zojuist heruitgegeven door antiquariaat Demian, blijkt dat Komrij in tegenstelling tot Brouwers niet zo'n groot briefschrijver is. 'Ik leef in een cocon van nepzijde en dat is geen makkelijke situatie om brieven te schrijven.' De schrijvers vinden elkaar in hun afkeer van Jan Siebelink. Komrij: 'Siebeltje [...] is een slijmdier.' Brouwers, in een klaagzang over de verkeerde schrijvers die de P.C. Hooftprijs winnen: '[...] zo worden keutelaars à la Sieb geprezen om hun romanschrijfkunst, al schrijven zij romans die met romans zo veel gemeen hebben als snot met graniet.' Ik houd van deze letteren die zachtjes knetteren.
Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 25 oktober 2014
Posts tonen met het label Jeroen Brouwers. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jeroen Brouwers. Alle posts tonen
donderdag 30 oktober 2014
maandag 17 juni 2013
Kroniek Leeuwarder Courant: Comeback
Comeback
In Den Haag, in een chique hotel, werd afgelopen zondag de 150-ste verjaardag van Louis Couperus gevierd. Onder de aanwezigen ook Geart de Vries die het betreurde dat hij het boekje over de vriendschap tussen Couperus en Pier Pander niet had meegenomen. Zoveel Couperusliefhebbers zag je niet vaak bij elkaar. Jankobus Seunnenga zong enkele gedichten van Couperus die hij op muziek had gezet. 'Ik versta er niks van,' zei Elsbeth Etty. 'Het is Fries,' zei ik, maar dat was niet waar, het was in de rumoerige naar bitterballen snakkende zaal gewoon onverstaanbaar en dat is, als je de poëzie van deze schrijver kent, de beste manier om zijn gedichten tot je te nemen.

Jeroen Brouwers was nooit een schrijver die fluitend achter zijn bureau ging zitten en per dag tien A4-tjes produceerde, zoals zoveel schrijvers nu doen, tekstverwerkers die elk jaar een boekje afscheiden. Bij Brouwers ging het scheppen langzaam en de laatste jaren dankzij fysieke klachten ook van au. 'Er komt nog wel van alles in literaire zin, maar een roman niet meer, denk ik. Ik vind het mooi geweest zo,' zei hij bij zijn nominatie voor de Gouden Boekenuil voor Bittere bloemen. Toch staat er voor februari 2014 een nieuwe roman aangekondigd. Het hout is de wat kale titel van deze 'katholieke' roman die gaat over vernedering, sadisme en seksueel misbruik op een jongenspensionaat dat geleid wordt door kloosterlingen. De schrijver kent deze wereld van nabij: hij zat op kostschool in Bleijerheide. 'Een strafkolonie,' noemde de schrijver de plek die ook het begin van zijn schrijverschap markeerde.
Een echte comeback kun je het wel noemen als je van plaats 13.074 stijgt naar 193 op de verkooplijst van Amazon.com. George Orwell is weer helemaal terug met 1984, de toekomstroman die ons een alles en iedereen controlerende overheid voorspiegelt. Orwell dacht, toen het boek gepubliceerd werd in 1949, nog aan totalitaire regimes zoals hij ze kende onder Hitler en Stalin, maar de ironie van de geschiedenis is juist dat 1984 een bestseller wordt dankzij het digitale afluistersysteem 'Prism' van de Amerikanen. '100 procent veiligheid en 100 procent privacy zonder onaangename zaken is onmogelijk,' zei president Obama. 'War is peace. Freedom is slavery. Ignorance is strength,' zei Big Brother. Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 15 juni 2013.
In Den Haag, in een chique hotel, werd afgelopen zondag de 150-ste verjaardag van Louis Couperus gevierd. Onder de aanwezigen ook Geart de Vries die het betreurde dat hij het boekje over de vriendschap tussen Couperus en Pier Pander niet had meegenomen. Zoveel Couperusliefhebbers zag je niet vaak bij elkaar. Jankobus Seunnenga zong enkele gedichten van Couperus die hij op muziek had gezet. 'Ik versta er niks van,' zei Elsbeth Etty. 'Het is Fries,' zei ik, maar dat was niet waar, het was in de rumoerige naar bitterballen snakkende zaal gewoon onverstaanbaar en dat is, als je de poëzie van deze schrijver kent, de beste manier om zijn gedichten tot je te nemen.

Jeroen Brouwers was nooit een schrijver die fluitend achter zijn bureau ging zitten en per dag tien A4-tjes produceerde, zoals zoveel schrijvers nu doen, tekstverwerkers die elk jaar een boekje afscheiden. Bij Brouwers ging het scheppen langzaam en de laatste jaren dankzij fysieke klachten ook van au. 'Er komt nog wel van alles in literaire zin, maar een roman niet meer, denk ik. Ik vind het mooi geweest zo,' zei hij bij zijn nominatie voor de Gouden Boekenuil voor Bittere bloemen. Toch staat er voor februari 2014 een nieuwe roman aangekondigd. Het hout is de wat kale titel van deze 'katholieke' roman die gaat over vernedering, sadisme en seksueel misbruik op een jongenspensionaat dat geleid wordt door kloosterlingen. De schrijver kent deze wereld van nabij: hij zat op kostschool in Bleijerheide. 'Een strafkolonie,' noemde de schrijver de plek die ook het begin van zijn schrijverschap markeerde.
Een echte comeback kun je het wel noemen als je van plaats 13.074 stijgt naar 193 op de verkooplijst van Amazon.com. George Orwell is weer helemaal terug met 1984, de toekomstroman die ons een alles en iedereen controlerende overheid voorspiegelt. Orwell dacht, toen het boek gepubliceerd werd in 1949, nog aan totalitaire regimes zoals hij ze kende onder Hitler en Stalin, maar de ironie van de geschiedenis is juist dat 1984 een bestseller wordt dankzij het digitale afluistersysteem 'Prism' van de Amerikanen. '100 procent veiligheid en 100 procent privacy zonder onaangename zaken is onmogelijk,' zei president Obama. 'War is peace. Freedom is slavery. Ignorance is strength,' zei Big Brother. Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 15 juni 2013.
maandag 2 mei 2011
Jeroen Brouwers bij Wim Brands
Ook met biografische vragen, maar gekoppeld aan Bittere bloemen (110.000 kijkers).
zaterdag 9 april 2011
Recensie Jeroen Brouwers - Bittere bloemen
De kaarten zijn geschud
Hij is net zo oud als zijn kamernummer, 81, Julius Gerhard Marius Hammer, 'Juul voor intimi, maar die zijn er niet meer'. De hoofdpersoon van Bittere Bloemen van Jeroen Brouwers bevindt zich op een cruiseschip op de Middelandse Zee. Min of meer verbannen door zijn dochter die zijn huis opruimt, dobbert de voormalige minister van Justitie en schrijver rond op een boot die volstrekt het tegendeel biedt wat hij verlangt: rust en eenzaamheid.
'In de steek gelaten door de tijd.' Hammer herstelt nog van een coma, is slecht ter been, valt continu. Niet alleen lichamelijk voelt Hammer zich in de steek gelaten door de tijd, ook geestelijk. Men kent hem niet meer, hij is verworden tot een lemma in een encyclopedie, zijn boeken zijn vergeten en sinds zijn ziekenhuisopname schiet hij van waarneming naar herinnering, van associatie naar wensdromen.
Het toeval wil dat Hammer op het schip letterlijk opbotst tegen de vrouw die hij ooit beledigd heeft op een schrijfcursus. Sindsdien heeft hij Pearlene, Leentje door hem genoemd, een vleesgeworden schilderij van Cranach, nagejaagd om haar zijn liefde te betonen. Eerst loopt hij haar als een schooljongen na in het esoterische winkeltje waar zij de kaarten legt en daarna is zij opeens verdwenen tot het moment waarop hun wegen elkaar weer kruisen op het cruiseschip Carta Mundi.
In een boek van Jeroen Brouwers heeft alles betekenis, terwijl er ogenschijnlijk weinig gebeurt. Slechts één dag uit het leven van Hammer wordt beschreven, maar in die dag wordt een heel leven verteld. Heel concrete zaken, zoals het horloge dat hij draagt, wijzen al vooruit naar een noodlottig einde van de roman. Het is 15 augustus en het schip ligt aangemeerd op Corsica, waar de geboortedag van Napoleon wordt gevierd. Het is drukkend warm en Hammer gaat het land op om sigaartjes te kopen. Daar zakt hij in neer, 'zijn horloge is gesmolten. Het vloeibaar geworden goud plakt druipend rond zijn pols, de wijzerplaat verpapt, nu bestaat op de hele wereld de tijd niet meer.'
Gelukkig wordt hij gevonden door Pearlene die hem opkalefatert en hem achter op de brommer meeneemt naar een filmset waar een futuristische productie wordt gedraaid. Brouwers trekt de tijd aan stukken, want de gedachten van Hammer schieten alle kanten op: van de gedachten aan het bombardement waarbij zijn moeder is omgekomen tot aan het surrealistische heden en alles krijgt te maken met alles. Natuurlijk gaat hij met de door hem aanbeden vrouw Pearlene mee. Maar Pearlene wordt van muze steeds meer een doodsengel en naarmate de dag vordert, zet het verval van Hammer steeds verder door. Als hij op een gegeven moment zijn horloge weggeeft, dan is het duidelijk dat het die dag niet meer goedkomt.
Bittere bloemen is een requiem, maar ook een protest tegen het vergeten. Hammer herinnert zich de sleutelmomenten uit zijn leven en Brouwers brengt die op een weergaloze manier bij elkaar. De roman is geschreven in mineur, maar de zinnen leven als nooit te voren. Op één bladzijde van Brouwers gebeurt meer in taal dan in het oeuvre van veel collega's. Een vervelende medereizigster beschrijft hij zo: 'Een roodverbrande, ernstig vervellende mummie van zijn leeftijd of nog bejaarder, hem beloerend door gele brillenglazen, die als dooiers tegen haar ogen plakken.' Het is niet te hopen dat deze roman het sluitstuk is van het oeuvre van Brouwers, want elk nieuw boek maakt je hongerig naar de volgende.
Coen Peppelenbos
Jeroen Brouwers - Bittere bloemen. Atlas, Amsterdam. 288 blz. €21,95 (geb.)
Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 8 april 2011.
Hij is net zo oud als zijn kamernummer, 81, Julius Gerhard Marius Hammer, 'Juul voor intimi, maar die zijn er niet meer'. De hoofdpersoon van Bittere Bloemen van Jeroen Brouwers bevindt zich op een cruiseschip op de Middelandse Zee. Min of meer verbannen door zijn dochter die zijn huis opruimt, dobbert de voormalige minister van Justitie en schrijver rond op een boot die volstrekt het tegendeel biedt wat hij verlangt: rust en eenzaamheid.
'In de steek gelaten door de tijd.' Hammer herstelt nog van een coma, is slecht ter been, valt continu. Niet alleen lichamelijk voelt Hammer zich in de steek gelaten door de tijd, ook geestelijk. Men kent hem niet meer, hij is verworden tot een lemma in een encyclopedie, zijn boeken zijn vergeten en sinds zijn ziekenhuisopname schiet hij van waarneming naar herinnering, van associatie naar wensdromen.
Het toeval wil dat Hammer op het schip letterlijk opbotst tegen de vrouw die hij ooit beledigd heeft op een schrijfcursus. Sindsdien heeft hij Pearlene, Leentje door hem genoemd, een vleesgeworden schilderij van Cranach, nagejaagd om haar zijn liefde te betonen. Eerst loopt hij haar als een schooljongen na in het esoterische winkeltje waar zij de kaarten legt en daarna is zij opeens verdwenen tot het moment waarop hun wegen elkaar weer kruisen op het cruiseschip Carta Mundi.
In een boek van Jeroen Brouwers heeft alles betekenis, terwijl er ogenschijnlijk weinig gebeurt. Slechts één dag uit het leven van Hammer wordt beschreven, maar in die dag wordt een heel leven verteld. Heel concrete zaken, zoals het horloge dat hij draagt, wijzen al vooruit naar een noodlottig einde van de roman. Het is 15 augustus en het schip ligt aangemeerd op Corsica, waar de geboortedag van Napoleon wordt gevierd. Het is drukkend warm en Hammer gaat het land op om sigaartjes te kopen. Daar zakt hij in neer, 'zijn horloge is gesmolten. Het vloeibaar geworden goud plakt druipend rond zijn pols, de wijzerplaat verpapt, nu bestaat op de hele wereld de tijd niet meer.'
Gelukkig wordt hij gevonden door Pearlene die hem opkalefatert en hem achter op de brommer meeneemt naar een filmset waar een futuristische productie wordt gedraaid. Brouwers trekt de tijd aan stukken, want de gedachten van Hammer schieten alle kanten op: van de gedachten aan het bombardement waarbij zijn moeder is omgekomen tot aan het surrealistische heden en alles krijgt te maken met alles. Natuurlijk gaat hij met de door hem aanbeden vrouw Pearlene mee. Maar Pearlene wordt van muze steeds meer een doodsengel en naarmate de dag vordert, zet het verval van Hammer steeds verder door. Als hij op een gegeven moment zijn horloge weggeeft, dan is het duidelijk dat het die dag niet meer goedkomt.
Bittere bloemen is een requiem, maar ook een protest tegen het vergeten. Hammer herinnert zich de sleutelmomenten uit zijn leven en Brouwers brengt die op een weergaloze manier bij elkaar. De roman is geschreven in mineur, maar de zinnen leven als nooit te voren. Op één bladzijde van Brouwers gebeurt meer in taal dan in het oeuvre van veel collega's. Een vervelende medereizigster beschrijft hij zo: 'Een roodverbrande, ernstig vervellende mummie van zijn leeftijd of nog bejaarder, hem beloerend door gele brillenglazen, die als dooiers tegen haar ogen plakken.' Het is niet te hopen dat deze roman het sluitstuk is van het oeuvre van Brouwers, want elk nieuw boek maakt je hongerig naar de volgende.
Coen Peppelenbos
Jeroen Brouwers - Bittere bloemen. Atlas, Amsterdam. 288 blz. €21,95 (geb.)
Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 8 april 2011.
maandag 3 september 2007
Jeroen Brouwers wint 52 euro en een beker
Met de zin: ‘Al stond in het centrum van het huis een kachel als uit de machinekamer van een stoomschip en stortte ik deze vol kolen en hout uit het bos, ze verspreidde geen warmte, -zoals er ook van mij, volgestort met het witte water van de firma Bols, niet echt meer iets constructiefs uitging.’ wint Jeroen Brouwers de Tzum-prijs 2007, de kleinste literaire prijs van Nederland. De zin komt uit het boek In het midden van de reis door mijn leven, dat vorig jaar uitkwam bij uitgeverij Atlas. In In het midden van de reis door mijn leven zit het ‘oerboek’ waaruit Brouwers veel materiaal heeft gehaald voor zijn indrukwekkende oeuvre. De winnende zin komt uit de inleiding van Brouwers.

Het is de zesde keer dat de Tzum-prijs wordt uitgereikt. De prijs gaat naar de beste zin in verhalend proza van het afgelopen jaar. In 2002 won Paul Mennes, in 2003 Doeschka Meijsing, in 2004 Stijn Aerden, in 2005 Ilja Leonard Pfeijffer en vorig jaar Tommy Wieringa. De winnaar krijgt naast een fraaie beker ook een bedrag aan euro's dat gelijk is aan het aantal woorden in de zin. Dit jaar is dat dus 52 euro, het hoogste prijzengeld ooit in de geschiedenis van de prijs.
De jury (de redactie van het literaire blad Tzum: Roos Custers, Coen Peppelenbos en oud-redacteur Derwent Christmas) was unaniem in haar keuze voor de zin. Uit de nominaties voor de Tzum-prijs (naast de jury mag iedereen zinnen nomineren) bleek een grote voorkeur voor zinnen uit Tirza en Boven is het stil. De zin van Brouwers won echter terecht. Dankzij het uitstellen van de mededeling ‘ze verspreidde geen warmte’ krijgt de zin een spannende opbouw. De zin vervolgt met een vergelijking die de jury ook kan waarderen omdat in dat deel de humor de desolaatheid van het eerste deel van de zin compenseert.
Brouwers is niet alleen een oeuvrebouwer; hij is ook een zinnenbouwer. Dat hij deze prijs ooit toegewezen zou krijgen, lag in de lijn der verwachting.

Het is de zesde keer dat de Tzum-prijs wordt uitgereikt. De prijs gaat naar de beste zin in verhalend proza van het afgelopen jaar. In 2002 won Paul Mennes, in 2003 Doeschka Meijsing, in 2004 Stijn Aerden, in 2005 Ilja Leonard Pfeijffer en vorig jaar Tommy Wieringa. De winnaar krijgt naast een fraaie beker ook een bedrag aan euro's dat gelijk is aan het aantal woorden in de zin. Dit jaar is dat dus 52 euro, het hoogste prijzengeld ooit in de geschiedenis van de prijs.
De jury (de redactie van het literaire blad Tzum: Roos Custers, Coen Peppelenbos en oud-redacteur Derwent Christmas) was unaniem in haar keuze voor de zin. Uit de nominaties voor de Tzum-prijs (naast de jury mag iedereen zinnen nomineren) bleek een grote voorkeur voor zinnen uit Tirza en Boven is het stil. De zin van Brouwers won echter terecht. Dankzij het uitstellen van de mededeling ‘ze verspreidde geen warmte’ krijgt de zin een spannende opbouw. De zin vervolgt met een vergelijking die de jury ook kan waarderen omdat in dat deel de humor de desolaatheid van het eerste deel van de zin compenseert.
Brouwers is niet alleen een oeuvrebouwer; hij is ook een zinnenbouwer. Dat hij deze prijs ooit toegewezen zou krijgen, lag in de lijn der verwachting.
Abonneren op:
Posts (Atom)
