hij hem

hij hem
Nu in de winkel

dinsdag 12 juni 2007

In de tussentijd 8

- Bijna drie weken geleden dat ik hoorde dat ik kanker had; bijna een week geleden dat ik hoorde dat ik er waarschijnlijk ook alweer helemaal vanaf ben (na een paar weken bestraling). Alles is in zo'n snel tempo gegaan en ik ben in zo'n rap tempo hersteld, dat ik soms schrik van mensen die het bericht over mijn ziekte net gehoord hebben. Oud nieuws.
- Dat ik alles op mijn weblog heb gezet, voorkomt veel lastige vragen. Het zorgt ook voor heel merkwaardige situaties. Dat je terugkomend van de supermarkt met een half brood en twee kranten opeens op het fietspad staat te praten over je ballen met een studente, alsof het gebruiksvoorwerpen zijn.
- Dit weekend niets gedaan aan dingen met een deadline. Vrijdagmiddag met collega's tweeëneenhalf uur in het bos gelopen. Soort speurtocht, maar dan met gps-apparatuur (geef mij maar paaltjes met een kleurtje).

Hier twee collega's van mij die de spot drijven met iemand die nog maar net geopereerd is aan zijn jeweetwel.
Bijzonder rommelig bos waar we doorheen liepen. Om de natuur weer in zijn oorspronkelijke staat te krijgen laten ze tegenwoordig alles wat omgewaaid is liggen. Voor rollators dus ontoegankelijk


Zaterdag zelf een poëtische wandeling geleid door Groningen voor alumni van Nederlands. Ik moest ze eerst ophalen uit een zaaltje, maar daar zat Marcel Bax een lezing te houden over iets volstrekts onzinnings op een bloedhete zaterdagmiddag. Ik wist meteen weer waarom ik zo'n hekel had aan de universitaire wereld. Omdat Bax was uitgelopen en niet wist hoe hij zijn lezing moest inkorten, en helemaal niet wist dat het woordelijk van papier lezen ook niet tot veel luistervreugde leidt en zeker niet als je dat enigszins machinaal doet, zat ik een half uur te wachten in een smoorheet zaaltje, bang dat ik zou inslapen.
Passie mensen. Passie!
Daarna gelukkig de buitenlucht in waar ik de helft van de route schrapte om het tijdverlies weer in te halen. Geëindigd in Athena's waar een opvallende voorkeur bestond voor het boek Doodstil.

Zondag met Karel en Sybe het boomkroonpad gedaan. Dan toren je zo boven de bomen uit op toch wel redelijk wiebelige constructies. Ik was de enige homo in het bos die op het hoogste punt durfde te staan.


Daarna nog boswandeling van 4,5 kilometer. Beetje veel naaldbomen daaro. Houd ik niet van. Erg veel mieren zoals nauwelijks te zien is op deze YouTubefilmpjes.


- Of er iets veranderd is de afgelopen weken? Ja. Heel veel. Maar dat heel veel is nog niet onder woorden te brengen. Alsof al die nieuwe gevoelens nieuwe woorden nodig hebben. Dat de oude woorden horen bij een wereld van drie weken geleden. Dat de woorden aan herijking toe zijn.
- Ufo-filmpje nu meer dan 1100 keer bekeken.

maandag 11 juni 2007

Nomineren voor de Tzum-prijs kan vanaf nu!

Nomineer zelf: Tzum-prijs 2007

Het is weer tijd voor de nominatieronde voor de kleinste prijs van Nederland. De Tzum-prijs voor de mooiste zin in verhalend proza van het afgelopen jaar. Iedereen mag nomineren. In het volgende nummer van Tzum worden alle nominaties gepubliceerd en kort daarna zal de jury een winnaar aanwijzen.
De winnende schrijver ontvangt een bedrag in euro’s dat gelijk is aan het aantal woorden in de zin. En een fraaie beker.
Dit jaar wordt de Tzum-prijs voor de zesde maal uitgereikt. Vorige winnaars waren: Paul Mennes, Doeschka Meijsing, Stijn Aerden, Ilja Leonard Pfeijffer en Tommy Wieringa.

Voorwaarden
- De zin moest staan in een oorspronkelijk Nederlands prozawerk dat in boekvorm voor het eerst is gepubliceerd in 2006 (geen eigen beheer-uitgaven).
- Iedereen mag inzenden, iedereen mag meer dan 1 zin inzenden.
- Inzendingen dienen het citaat en het bladzijdenummer te vermelden.
- De deskundige jury mag zelf ook zinnen toevoegen. Bij meer dan drie genomineerde zinnen uit één boek maakt de jury een voorselectie.

Onder de inzenders worden drie exemplaren verloot van Poëtisch Den Haag, een literaire wandeling in gedichten.

Einddatum inzending: 15 augustus
Stuur uw nominaties naar:
Redactie Tzum
Jan van Galenstraat 12A
9726 HM GRONINGEN

e-mailen kan ook:
redactie.tzum@kleineuil.nl

Maar het handigst is deze site (zie de knoppen onderaan de bladzijde)

zondag 10 juni 2007

Recensie LN: Saskia Noort - Afgunst

Een meesterlijke pastiche

Afgunst van Saskia Noort is het beste misdaadboekje dat ooit als geschenk is weggegeven tijdens de maand van het spannende boek (een cadeau dat je krijgt als je voor €12,50 boeken koopt). Het is namelijk een genadeloze afrekening van de schrijfster met haar literaire critici. Afgunst gaat over Susan van Doorn (let op het bijna anagram) die als bestsellerauteur na vijftien jaar geconfronteerd wordt met haar oude geliefde Ernst Scholten (let op de voornaam). Ernst is degene die afgunstig is op het succes van Susan. Hij schrijft ook, maar is intellectueel en verkoopt dus niet zo goed. Als we dan ook het motto van Winston Churchill voorin het boekje lezen ‘You have enemies? Good. That means you’ve stood up for something, sometime in your life’ dan weten we dat het hier een poëticaal boek betreft; een boek waarin Saskia Noort haar eigen succes verdedigt.

Het plot van het verhaal doet er niet zoveel toe (ex-minnaar ontvoert zijn voormalige vriendin), maar wel de bijzaken. Zo komen we uit de herinneringen van Susan te weten dat Ernst haar vroeger verbood om make-up te dragen of op hoge hakken te lopen, hetgeen natuurlijk verklaard moet worden als een verwijzing naar de groep Writers on heels (schrijvers van de hakkenbar) die door literaire critici enigszins laatdunkend wordt bejegend. Die literaire critici willen dit soort schrijfsters letterlijk de mond snoeren en hoe kun je dat beter verbeelden dan in een scène waarin de wijsvinger van de successchrijfster wordt afgeknipt met een ijzerschaar.
Maar Saskia Noort gaat verder. Het zou verdacht zijn wanneer zij juist dit verhaal in een al te literaire stijl geschreven zou hebben. Ondanks de gratuite aanduiding ‘literaire thriller’ op het omslag, blijkt al snel dat ze gekozen heeft voor een parodie op derderangs misdaadproza. Heel geraffineerd is ze in de keuze van clichématige bijvoeglijke naamwoorden: ‘bijtende kritiek’, ‘bittere gal’ of clichématige uitdrukkingen: ‘Het bloed in mijn aderen bevriest’, ‘Als bevroren sta ik daar’. Heel humoristisch zijn de perspectiefwisselingen in dit kleine meesterwerk. De ene keer is Susan aan het woord en de andere keer Ernst (de cursieve stukken, want je zou je eens kunnen vergissen). En net als een slechte schrijfster legt Saskia Noort alles uit over motieven van de dader. Stel je voor: je zit in een zaaltje van de bibliotheek en kijkt naar je ex-vriendin die je over een uurtje gaat ontvoeren en niet veel later wilt verminken. Dan denk je dus heel rustig aan vroeger: ‘Ik herinner me het moment waarop het begon. Heimelijk en onverwacht. Van grote liefde naar diepe, diepe haat. De dag waarop haar verhaal werd besproken door de werkgroep Proza. Een verhaal dat ze buiten mijn medeweten had geschreven.’ Het moge duidelijk zijn: deze pastiche van Saskia Noort is wonderwel gelukt. Maar ze eindigt het boek niet zonder een laatste sneer uit te delen aan het literaire establishment.
Na een hele uitputtingsslag zijn de rollen omgedraaid en met het pistool op zijn hoofd gericht vertelt Ernst waarom hij juist nu tot zijn daad komt: ‘Ik heb kanker. Pancreaskanker. Uitgezaaid. Mijn lever. Ik ben al naar de klote. Opgegeven. Dus het maakt mij allemaal niets meer uit. Ik sterf liever hier dan dat ik afwacht tot de kanker me helemaal heeft opgevreten.’ Met andere woorden: de literaire wereld is van binnen dood. En daarmee geeft zij de genadeklap aan al die critici die haar zo getergd hebben met negatieve kritiek.

Coen Peppelenbos

Saskia Noort – Afgunst. CPNB, cadeau bij besteding van €12,50 in de maand juni in de boekhandel.

Eerder verschenen op Literair Nederland, 4 juni 2007

vrijdag 8 juni 2007

Column: Doe de keiwijzer

Deze column schreef ik op 10 mei voor het alumniblad van de NHL. Toch grappig als je nu de laatste alinea leest.

Doe de keiwijzer!

De vrijdag voor de meivakantie ontvang ik post van de NHL. Dat vind ik altijd verontrustend. Post van de Belastingdienst krijg je ook altijd op vrijdag. Maar de post van de NHL bestaat uit een kaart waarop een mannetje op een berg is afgebeeld die in een tekstballonnetje denkt: Alles wat je altijd over jezelf wilde weten. En in een kleinere ballon: (maar nooit durfde te vragen).
Typisch een product van de afdeling PR vermoed ik of, erger nog, een echt reclamebureau. De slogan is goed gejat van Woody Allen: Everything You Always Wanted to Know About Sex (But Were Afraid to Ask). De kaart is minder opwindend. Achterop wordt gevraagd om te surfen naar een website. ‘Doe de keiwijzer.’ Laat ik dat eens doen. Ik ga naar de website en lees in eerste instantie dezelfde tekst als achterop kaart. Niks seks, het gaat verdorie weer over competenties. En je kan helemaal niet een leuk testje doen op internet, een soort van Viva-test waarna je meteen weet of je romantisch, sexy of een loeder bent. Ik geef een korte samenvatting van de tekst ‘Keiwijzer stap voor stap’. Aanvragen bij leidinggevende – die maakt financiële middelen vrij – na goedkeuring naar Centrum Competent – nodig referenten uit – vraag een unieke code aan – geef jezelf feedback – feedbackrapport – je krijgt een Keiwijzer-coach – verbeterpunten – ontwikkeldoelen.
Toen was ik echt aan vakantie toe.
In de vakantie ben ik begonnen met het minderen van roken. Toen ik begon op de Bouhof mocht je nog gewoon op je kamer roken (in het klaslokaal roken is voor mijn tijd). Toen kregen we een aparte rokersruimte waar men zijn best had gedaan om de authentieke jaren vijftig-sfeer uit het Oostblok na te bootsen. Nu in ons tijdelijke onderkomen terwijl de Bouhof verbouwd wordt, zijn we veroordeeld tot een soort overdekte fietsenstalling buiten. We hoeven nog net niet met een bord om onze nek rond te lopen: ‘Ik ben een paria.’
In de vakantie ben ik ook begonnen met afvallen (zonder Sonja Bakker) en met meer fitness (twee keer per week in plaats van een keer in de twee maand). Commentaar van een student na de vakantie: ‘Wat heb je een wijde broek aan. Daar kunnen wel twee Coenen in.’
Wat ik altijd al over mezelf wilde weten (maar nooit durfde te vragen) is dit: ben ik echt een gezonde, atletische, niet-rokende man? Het antwoord zal wel niet binnen een ‘competentieprofiel’ passen.

donderdag 7 juni 2007

In de tussentijd 7

- The day after. Voorlopig is het gevaar geweken. De prognoses bij zaadbalkanker zijn uitstekend, dat wist ik, maar als je naar de uitslag toegaat, lijkt het toch of je een oordeel krijgt over je leven. Dat lijkt niet alleen zo. Dat is zo. De voorlichtingsboekjes hebben het over 90% van de mannen die na vijf jaar nog leven. Een prachtig percentage. Maar als je er zelf voor staat denk je: één op de tien dus niet.
- In de wachtkamer de aloude tijdschriften. De Spits is de meest gelezen krant in het Martiniziekenhuis. Bij urologie vind je ook nog wat vakbladen. Arts & auto natuurlijk (krijgen artsen dat gratis bij hun bul?), maar ook het mij onbekende blad dIk.

De afspraak liet nogal op zich wachten. Ik was pas om 12 uur aan de beurt. Twintig minuten zijn dan heel lang. Je weet dat iemand meer weet over je leven. Je meent overal een symbolische voorafspiegeling te zien van wat je te wachten staat.

Karel was met me mee naar deze afspraak. Nadat we alles gelezen hadden, en geen zin hadden om de grote posters over prostaatkanker te lezen, vond hij in de kast allerlei kinderboeken. Hoogtepunt was het prentenboek Bot en Botje, over twee geraamtes die 's nacht hun hondje uitlaten (ook een geraamte).
- Dan eindelijk het gesprek. Eerste ontmoeting met mijn chirurg, dokter Wiarda (denk meteen aan het boek Het geslacht Wiarda van Theun de Vries, hij zal er wel tientallen in de kast hebben staan van mensen die dachten dat dit boek wel geschikt zou zijn als verjaardagscadeau voor een uroloog). Rustige, aardige man. Meteen nadat hij vertelde dat de ct-scan goed was, voelde ik een klein schopje van Karel. Het komt weer goed.
- Bij de uitleg over de bestralingen vroeg dokter Wiarda of ik nog een kinderwens had. Ik zei dat ik homoseksueel was. Hij zei dat dat niets zei over mijn kinderwens. 1-0 voor Wiarda.
- Onderweg naar huis taart gekocht. Eerst nog gebeld, maar mijn ouders die bij mij thuis zaten, namen niet op. Nog maar niet verder gebeld, want zij moesten eerst het goede nieuws horen. Bij de bakker enorm geteut achter en voor de balie met een oude vrouw. Heb je net gehoord dat je nog een tijdje mag leven en binnen een uur erger je je weer aan een slome klant bij de bakker. Moest me zelf ernstig toespreken dat ik blij mocht zijn dat ik gewoon kon wachten bij de bakker.
- 's Avond naar de Dichtclub in café Marleen. Had geen nieuw gedicht gemaakt, maar wilde toch ernaartoe. Ook om te laten zien dat je er nog bent, ook om alvast alle eerste reacties op te vangen. Karel ten Haaf las een gedicht voor uit de tijd dat hij nog geen vaste vriendin en baan had. En zie nu eens!

woensdag 6 juni 2007

In de tussentijd 6

Voor iedereen die meeleeft / meesleest: de uitslag is goed. Ct-scan leverde geen uitzaaiingen op. Tumor (van viereneenhalve centimeter) (jaja) was een seminoom (dat was de gunstige vorm van kanker). Krijg nog wel drie weken lang bestraling, maar die is preventief. Aan het gebak nu.

maandag 4 juni 2007

In de tussentijd 5

- Vandaag onder de scanner. Moest tot 12 uur nuchter blijven (maak de flauwe grappen zelf maar). Toen kwam er een dame de wachtkamer van het ziekenhuis in lopen met een enorme kan contrastvloeistof. Anderhalve liter. Of ik die binnen anderhalf uur maar even wilde innemen. Elk kwartier een glas.
'Er zit een anijssmaakje aan,' zei ze, alsof het een nieuw kinderijsje betrof.

Braaf zit je dan anderhalf uur te drinken in de wachtkamer, waar patiënten in en uit liepen voor foto's die aanmerkelijk minder bewerkelijk waren. Twee andere mannen waren net zo onfortuinlijk als ik. Van de drie schatte ik mijn kansen het hoogste in. Een heel foute gedachte, dat weet ik wel, maar je denkt het toch. Je denkt voortdurend: zo slecht ben ik er nou ook weer niet aan toe. Woensdag zal het blijken.
- Je mag met T-shirt, onderbroek en sokken aan onder de scanner. Overal zie je enge signalen staan: radio-actief gevaar! Om het contrast in mijn lichaam verder op te voeren, spoten ze nog wat spul in mijn arm, waardoor je erg snel heel warm werd van kop tot kont. Daarna gingen de twee vrouwen snel achter een muurtje zitten en sprak alleen nog maar een metalige stem van het apparaat: 'Adem vasthouden.' Je lichaam gaat dan door een centrifuge heen. 'U kunt gewoon ademhalen.' Maar er is niet zoveel 'gewoon' als je met je armen gestrekt langs je hoofd met een lichaam vol gif door een groot metalen apparaat heen en weer geschoven wordt.
- En daarna kun je je weer aankleden en weglopen. Ze zeggen verder niets. Niet of het er goed uit ziet; ook niet het tegendeel. Dat maakt je heel onzeker. Ik weet niet wat ik liever heb. Toen ik anderhalve week geleden na mijn echo wegliep, zei die man: 'Heel veel sterkte.' Dat is wel menselijker. Je weet ook meteen welke akelige mededeling je gaat krijgen.
- Giny zat me op te wachten bij de ingang van het ziekenhuis. Eerst maar twee saucijzenbroodjes gekocht (Giny had uit solidariteit maar twee beschuitjes en een stroopwafel gegeten)(ze was dus bijna nuchter) voor ons beiden en opgegeten voordat ik weer op de fiets naar huis stapte. Ja, fietsen kan hij weer.

- Daarna naar de uitgeverij om foto's te laten maken voor de Poëziekrant. De volgende foto's van Peter en mij zullen het niet halen.


- Het UFO-filmpje is meer dan 600 keer bekeken.

zaterdag 2 juni 2007

In de tussentijd 4

- Gistermiddag de nieuwe bundel van Jan Glas gepresenteerd: Het getal hondje in het huis van de Groninger Cultuur (waar Henk Scholte de scepter zwaait). Collega-dichters Rense Sinkgraven, Arjen Nolles, Klaas Duursma en Erik Harteveld traden op. Daarna was het de beurt aan een zingende Jan Glas, op de piano begeleid door Boelo Klat. Het eerste exemplaar ging naar Douwe van der Bijl, Mr. Bieb en exemplaren twee en drie gingen naar de neefjes van Jan.

Ik was te laat begonnen met het nemen van foto's. Vandaar alleen nog maar deze foto van Liesbeth A., stadsdichtersvrouwe, die haar enthousiasme voor de pezige schedelman niet onder stoelen of banken stak.

- Naast dit feestelijke programma een parallel programma waarbij ik steeds moest vertellen hoe het met me was. Dat is prettig en onprettig tegelijk. Je wilt aandacht en tegelijk wil je het ook wel een paar uur niet over kanker hebben. Dat is lastig schipperen met je eigen emoties. Maar ook hier laat ik alles maar gebeuren.
- Heb intussen al van zoveel mensen gehoord dat ze iemand kennen die balkanker heeft gehad dat je je afvraagt of er nog wel mensen met gewoon twee ballen rondlopen. Heb vandaag een brochure gelezen van het KWF waarin staat dat dit de meest voorkomende vorm van kanker is voor mannen tot 40 jaar. Ben dus ook weer niet zo bijzonder.
- Heb inmiddels twee nieuwe helden voor de toekomst. Worden me vaak ten voorbeeld gegeven als mannen die nog heel wat hebben bereikt met één bal: Lance Armstrong (zal dit weekend proberen of fietsen weer lukt) en Adolf Hitler (zal dit weekend Polen binnenvallen). Tel uit je winst.

vrijdag 1 juni 2007

In de tussentijd 3

- Regenachtige dag buiten en binnen gisteren. Terugslagdag dus. Na een week vooruit met de geit en hela hola houd de moed erin gisteren de klassieke huildag. Het begon om 11.15 en de sluizen bleven maar open staan. Net nu mijn ouders op bezoek kwamen. Of misschien juist nu mijn ouders op bezoek kwamen. Ben je opeens toch een bang, zwak kind van 42.
Vanochtend weer in betere stemming. Goed geslapen. Het zelfmedelijden is weggespoeld (maar ik houd er wel rekening mee dat het zo af en toe weer vloed wordt).
- Gisteren kreeg ik van Peter ook de tweede druk van Sing Sing in handen. Speciale, bibliofiele hardcovereditie. Worden per opbod verkocht.
- Voordat ik het vergeet. Vorige week donderdag was er één zuster in het ziekenhuis in wie ik meteen vertrouwen had. Haar achternaam was Eisses. 'Bekende naam,' zei ik, want ik heb een paar jaar geleden een studente gehad met die achternaam. Bleek een nichtje van haar te zijn. Iedere zieke hoort zuster Eisses aan zijn bed te krijgen. De juiste toon, de goede woorden, de vertrouwenwekkende blik: alles was goed. Zij stopte pijnstillers in twee soorten in mijn tas. Zij zei me wat ik kon verwachten na de operatie. Een vrouw aan wie je gewoon kunt vragen hoe het zit met plassen na zo'n ingreep. (Antwoord: gewoon net als anders.)
- Vanmorgen weer bloedprikken in het ziekenhuis. Duurde wat langer nu, want men was vergeten om het formulier in te vullen. Terwijl ik uitzicht had op een kast met vooroologse medische instrumenten hoorde ik op de achtergrond een koortsachtig telefoongesprek.
'Peppelenbos, 4-10-64'
(...)
'Pep-pe-len-bos.'
(...)
'Er staat niets op het formulier.'
(...)
'Nee, hij zit hier al.'
(...)
'Peppelenbos.'
Na tien minuten gewoon weer de vertrouwde hoeveelheid bloed afgetapt. Ach ja, je kunt als homoseksueel maar het beste bloed afgetapt krijgen in Groningen dan bloed toegediend.