hij hem

hij hem
Nu in de winkel
Posts tonen met het label David Pefko. Alle posts tonen
Posts tonen met het label David Pefko. Alle posts tonen

maandag 29 september 2014

Kroniek Leeuwarder Courant: Reacties

Reacties

Op het festival Nazomerzinnen in Zuidlaren interviewde ik Peter Middendorp. Zijn boek Vertrouwd voordelig heeft zes drukken gehaald binnen drie weken. Waarschijnlijk is dat te danken aan alle commotie over zijn uitspraken over Drenthe. We zaten in een kerk die ruimte bood aan de vele belangstellenden. Nelleke Noordervliet is verbannen naar een kleiner zaaltje. Toch blijkt Middendorp niet heel blij te zijn met alle ophef: de woedende reacties, de stukken in de krant, de bodyguards bij de presentatie in Emmen. Hij vertelt ingetogen, maar met ironie over zijn jeugd. Hij schrikt een beetje als ik zeg dat het ook een inktzwart boek is over een omgeving waaraan je niet kunt ontsnappen. Na afloop zegt een vrouw uit het publiek: 'Het is eigenlijk een heel aardige jongen.' Een beetje teleurgesteld, alsof hij niet voldoet aan de verwachting.

Het land 32 van Daan Heerma van Voss kreeg een merkwaardige ontvangst. Omdat hij woorden als 'avatar' en 'level' gebruikt hebben een paar recensenten het hele verhaal opgevat als een computergame in fictie. In diezelfde kerk vraag ik Heerma van Voss er wat beschroomd naar omdat ik helemaal niets weet van games. Sinds 'Pong' houdt mijn ontwikkeling op. Gelukkig vond de schrijver de interpretatie ook niet houdbaar. De hoofdpersoon is gewoon jong en dan gebruik je dat soort woorden.

Bij thuiskomst zie ik een Facebookgesprekje tussen Jamal Ouariachi en David Pefko. Ik heb wel eens een niet zo positieve recensie over ze geschreven.
Pefko: 'Jamal, voor Coen Peppelenbos aan kanker sterft (ik neem aan dat zijn kanker-light een keertje regular-kanker gaat worden) wil jij dus nog één negatieve recensie van zijn hand, begrijp ik dat goed?' Ouariachi: 'Er is weinig wat mij gelukkiger zou kunnen maken dan dat, David. Gewoon nog één keertje.' Pefko: 'Ja ik deel die mening gewoon volledig hoor, maar je kunt zo'n flikker toch niet gaan dwingen als hij aan de chemo ligt...'
Twee dagen later wordt Ouariachi op de website van Linda gevraagd naar zijn mooiste boek: 'Mein Kampf van Adolf Hitler [...]. Hitler kon trouwens heel aardig schrijven, voor een debutant.' In november verschijnt de nieuwste roman van Ouariachi. Hij is nu al wanhopig op zoek naar een rel.

Deze kroniek verscheen eerder in de Leeuwarder Courant op 27 september 2014.

maandag 2 september 2013

Kroniek Leeuwarder Courant: Populair

Populair

Vanaf vorige week zaterdag schrijft Nico Dijkshoorn verhaaltjes over kunst in de Volkskrant. In zijn gebruikelijke van dik hout zaagt men planken-stijl. 'Kan je het duizend keer een performance noemen, maar ik noem het gewoon een hondenstreek, 40 liter paarse verf door een huiskamer slingeren en dan ons medicijnkastje er overheen schudden.' Ik signaleerde deze nieuwe vorm van afzeikcolumnisme voor Tzum. Nico Dijkshoorn twitterde meteen dat hij dat 'genieten' vond, maar in dezelfde tweet noemde hij de kritiek "kunst fundamentalisme", een tweet daaropvolgend behoorde ik tot de 'kunstpausjes' en nog wat tweets later zette Dijkshoorn de persoonlijke aanval in: 'Coen is gewoon een beetje verdrietig, dat het allemaal niet is gelukt met dat schrijven van hem.' Nico Dijkshoorn heeft meer dan een kwart miljoen volgers op Twitter, ik dik zevenhonderd. Hij moet wel gelijk hebben.


Wie wil er niet meeprofiteren van de 'Vijftig tinten grijs'-hype? Jamal Ouariachi, David Pefko en Daan Heerma van Voss komen binnenkort met literaire varianten die respectievelijk 25, 45 en 70 als titel dragen. In die boeken wordt Hanna gevolgd in drie verschillende levensfases. De Vlaamse krant De Morgen zocht drie vrouwen die naakt met de schrijvers op de voorkant van de boekenbijlage willen gaan staan. 'Vrouwen van alle leeftijden' worden verzocht te reageren. Of de schrijvende heren de broek aanhouden is vooralsnog onduidelijk.

Knock-out in één ronde voor Badr Hari. Vanuit het niets staat Badr de biografie van Jens Olde Kalter op nummer 1 in de Bestseller top 60. Khaled Hosseini en Dan Brown hebben het nakijken. Vorige week verdween De hartsvriendin van Heleen van Royen uit diezelfde lijst. Het boek stond vijftien weken in de bestsellerlijst, waarvan vier weken in de top 10 en dat is niet onverdienstelijk. Maar vergeleken met de vorige boeken van Van Royen gaat het steeds iets slechter met de verkoop. De mannentester stond zeven weken in de top 10 en verdween na 23 weken uit de top 60. Godin van de jacht, uit 2003, stond achttien weken in de top 10 en tientallen weken in de top 60. Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Ook populariteit is aan slijtage onderhevig.

Verscheen eerder in de Leeuwarder Courant, 2 september 2013.

zaterdag 5 mei 2012

Gouden Boekenuil voor Het voorseizoen van David Pefko

Vanavond won David Pefko met Het voorseizoen de Gouden Boekenuil. Ik besprak het werk vorig jaar mild kritisch voor de Leeuwarder Courant: zie hier.


zondag 29 mei 2011

De stijl van David Pefko

Naar aanleiding van mijn recensie van Het voorseizoen van David Pefko in de Leeuwarder Courant van afgelopen vrijdag ontstond er op Facebook een kleine discussie. Vooral over deze alinea:
Het verhaal leest makkelijk weg, maar de stijl waarin het geschreven is, valt tegen. Zo heeft de helft van de honderd hoofdstukken een tijdsbepaling: ''s Ochtends; Als ik de volgende ochtend mijn ogen open; De volgende ochtend, Ik word vroeg in de morgen' etc. etc. Daar moet Pefko nog aan werken. Ook aan de vele keren dat hij zinnen begint met 'Toen', 'Terwijl' of 'Als' (soms vijf keer op een bladzijde). Een strenge redacteur had hier moeten ingrijpen. Een fraai geformuleerde zin zul je overigens tevergeefs zoeken in deze roman.

Jan van Mersbergen (heeft ooit een negatieve recensie van mij gekregen) springt meteen voor zijn collega in de bres. ‎
- 'Daar moet ... nog aan werken.' Altijd mooi als recensenten dat zeggen.
- Schitterend toch... Toen, als, terwijl. Dat kan natuurlijk niet!
- Geen Tzumprijs voor jou. Daarvoor moet je twintig metaforen verminken en aan elkaar breien.

Ook Bas van Putten doet een duit in het zakje:
- Mavo blijft mavo mannen, al heeft het een graad.

Ene Taylan Susam (wie? wie?) zegt eloquent:
- BRING IT ON! je lult!

Pefko zegt eerst nog:
Ik neem Coen's advies gewoon lekker mee voor boek drie. Geen Als, terwijl en vooral geen tijdsaanduiding, alles zal onduidelijk zijn, de lezer zal zich continu afvragen wanneer het speelt en door kunstgrepen als: 'de zon brak door.'
later:
Ik ben het daar niet mee eens, sterker nog; beter veel 'toen' 'terwijl' en 'als' dan pretentieuze zinnen. Het is echter, het past beter bij het personage, maar smaken verschillen.

Drie keer een 'Toen'-zin op een pagina vind ik niet mooi. Vijf keer een 'Als'-zin vind ik ronduit lelijk. Een combinatie van die 'Toen'-, 'Terwijl'- of 'Als'-zinnen toont wat mij betreft aan dat de redacteur niet genoeg heeft ingegrepen. Die eenvoudige, gebrekkige woordkeuze haalt mij uit het verhaal. Het kan ook niet kloppen dat juist die woorden het verhaal 'echter' maken zoals Pefko stelt, want op andere plekken zijn de zinnen juist vrij gekunsteld. De redenering van Pefko lijkt meer op een rechtvaardiging achteraf van iets wat je niet vanuit het personage zelf verdedigen kunt.

Hieronder alle openingszinnen van de hoofdstukken (Pefko laat de hoofdstukken doortellen tot 50, waarna er een omkering in het verhaal plaatsvindt en er weer teruggeteld wordt). Ik heb vooral de duidelijk tijdsaanduidingen gemarkeerd (waar dus letterlijk 'die avond' of 'de volgende dag' staat, vagere tijdsaanduidingen heb ik achterwege gelaten). Bij al die tijdsbepalingen raak ik opnieuw uit het verhaal, want ik ga op een gegeven ogenblik de tijdsaanduidingen turven.

De beginzinnen
1 De gemiddelde man kijkt ongeveer één pornofilm per week.
2 Leicester is een stad zoals bij elke andere in Engeland.
3 Op mijn computerscherm wordt een vrouw door twee mannen genomen.
4 In het kader van terrorismebestrijding krijgt het hele korps een cursus.
5 Als ik met mijn hoofd in mijn nek mijn zesde blik bier leeg en de stroompjes vocht langs mijn mondhoeken voel sijpelen, weet ik zeker dat alles mislukt is.
6 Hoewel we ons niet voortgeplant hebben, en ik ook geen alimentatie of iets dergelijks hoef te betalen, is het huis iets wat ons bindt.
7 Ik neem een douche en haal de dikke laag eelt van mijn voeten, poets mijn tanden meerdere malen, trek met een pincet gemiste haartjes van mijn net geschoren schedel.
8 Op andere vrije dagen sta ik vroeg op om iets van mijn dag te maken, maar vandaag lig ik langer dan gebruikelijk in bed.
9 Er zit een man met sluik blond haar tegenover me die ik bijna dagelijks vanuit mijn raam naar zijn werk zie gaan.
10 De werkdag begint met het tweede deel van de cursus 'Hoe een terrorist te herkennen.'
11 'Wat lief,' zegt ze als ik de knuffelkoe onder mijn jack vandaan trek.
12 Ik wandel ontspannen door de straten, draag een kort, grijs windjack, een spijkerbroek en mijn desert boots.
13 ´s Ochtends zit er een lijkbleke jongen tegenover me.
14 ´Je bent gescheiden, hè,´ zegt ze de volgende avond.
15 Als ik in mijn bureaustoel een beetje zit weg te dromen over Anca, en in gedachten naar een leuke film op televisie kijk onder het genot van een zak chips, schrik ik opeens wakker van Jim die steeds mijn naam noemt.
16 Als ik de deur van mijn kantoor op slot heb gedaan en aan mijn bureau ga zitten, huil ik mijn sudokupuzzel nat en stomp een paar keer hard in mijn maag.
17 'Suck on this,' mompelt Travis Bickle als hij de pooier van Iris neerschiet.
18 Als ik die nacht in het ziekenhuis lig en met een cardioloog praat, vertel ik over de pijn.
19 De volgende dag mag ik naar huis.
20 Ik heb de vorige middag en avond op de bank gezeten en bier gedronken.
21 Thuisgekomen werp ik me op de bank, begraaf mijn gezicht in een stapel schone theedoeken, en lig daar vele uren.
22 Zie me toch lopen door de straten.
23 Als ik in de auto het lome begin van 'Gimme Shelter' van The Rolling Stones hoor tijdens een radioprogramma dat Golden Classics heet, denk ik terug aan het moment waarop ik mijn ouderlijk huis verliet.
24 Ik vang hier en daar nieuwtjes op over de zaak.
25 Zoals iedereen die regelmatig tijdschriften leest of televisiekijkt, weet ik wat de oorzaken kunnen zijn en hoe het te voorkomen is, maar nergens ben ik te weten gekomen hoe het voelt.
26 Vanuit mijn bed stel ik me voor hoe in alle vroegte - het is die morgen vochtig en er hangt een dichte mist in de stad - de verdachten worden vrijgelaten.
27 Tijdens het derde deel van de cursus 'Hoe een terrorist te herkennen' wordt hier en daar gelachen om mijn gezicht dat onder de bloeduitstortingen zit.
28 Al die dagen hou ik vanuit mijn raam het slachthuis in de gaten.
29 Hoe langer ik de getraumatiseerde rechercheur speel, hoe meer ik begin te geloven dat ik die ook werkelijk ben.
30 Ze komt van rechts Granby Street overgestoken, draagt een jurkje met bloemen en een kort spijkerjasje, lage schoenen van elastiek.
31 Ze droomt.
32 Als ik bij het wakker worden mijn ogen open, weet ik vrij zeker dat ik gedroomd heb, en ren in paniek naar de woonkamer.
33 Ik denk tintelingen in mijn linkerhand te voelen en er gaat een vreemd onzeker gevoel door mijn linkerbeen, een strakke, kloppende spanning in mijn kuit, waardoor het trappen op de koppeling heel raar voelt.
34 Natuurlijk had ik diep in mijn hart gehoopt op meer lichamelijkheid dan die eerste keer, natuurlijk smacht ik juist naar seks, maar nu heb ik het verpest.
35 'Vind je het echt niet vervelend dat ik er ben?' vraagt ze.
36 Mijn schoolvriend, de makelaar, belt me uit mijn slaap.
37 Als we samen door een supermarkt in Narborough lopen, schrik ik als ik mezelf en Anca weerspiegeld zie in de deur van een van de koelschappen; op de pakken melk en rond de pakjes boter zweven onze lichamen, het staal van de kar die ze voortduwt schittert in het tl-licht.
38 Vannacht heeft ze op de bank geslapen.
39 Als Travis Bickle in de gang van Iris' appartement lukraak om zich heen schiet, de doden achter zich laat en de half-doden achter zich aan sleept, heeft hij een duidelijk doel voor ogen; hij zal alle vuil en slechtheid om haar heen vernietigen en zelf het leven laten, ware het niet dat hij geen kogel meer overheeft om door zijn eigen kop te schieten.
40 De volgende morgen begint al slecht.
41 Terwijl ik het water hoor stromen, zit ik op de bank en kijk naar mijn handen.
42 De volgende avond gaan we uit eten in een Indiaas restaurant in het centrum dat de Metro Best Restaurant Award heeft gewonnen, weliswaar in 2007, maar toch.
43 In de wachtkamer van Liana Deller lees ik een beetje in de Aspire, een tijdschrift voor ouderen over geldzaken, bejaardentehuizen en uitvaartzorg.
44 'Ik heb nagedacht,' zegt Anca op een morgen.
45 Mijn huis is verkocht aan een Indiase familie met zes kinderen.
46 's Avonds eten we in stilte.
47 Gisteravond was ik in slaap gevallen op de bank.
48 'Hoe reageerden ze?' vraag ik als we alleen zijn.
49 Op het moment dat ze het appartement verlaat om aan het werk te gaan, trek ik mijn jas aan en druk mijn gezicht tegen het spionnetje.
50 In mijn droom lag de vloer bezaaid met lege zakken Twix, ribbelchips en winegums.
49 'Hoe voel je je?' vraagt Liana Deller de volgende middag.
48 Als ik thuiskom zit Anca te huilen op de bank.
47 Terry Collins blijkt mijn grote nachtmerrie te zijn, want hij is knap, gezond en slim.
46 Geen woord hebben we over het bezoek aan de advocaat gesproken.
45 Als ik die avond thuiskom, ligt ze al in bed.
44 Die ochtend werd ik op dezelfde manier wakker als in de maanden voor ze in mijn leven kwam.
43 Ik geloof niet meer in wederzijds begrip.
42 In de Somerfield koop ik precies dezelfde tonijnsandwich die mijn bedrijfsarts op zijn bureau had liggen.
41 Ik droomde over Mooievrouw46.
40 Drie uur heb ik op de bank gezeten en op haar gewacht, me niet verroerd, zelfs mijn plas opgehouden.
39 Het idee dat ik als jonge jongen had, dat ik vast nooit ouder dan, zeg, vijfentwintig zou worden, heeft als ik 's ochtends mijn ogen open plaatsgemaakt voor onverschilligheid.
38 'Het is kleinerend,' zegt Anca vanaf de bank.
37 's Nachts deed ik geen oog dicht, wat natuurlijk niet verwonderlijk is.
36 De Leicester Mercury van woensdag 17 maart kopt: 'Zedenzaak tegen politie zaait onrust'.
35 Ik bezit twee geruite jasjes die Susan voor me kocht om te dragen met kerst of Pasen, maar waar ik al bang voor was: ze gaan niet meer dicht.
34 Het gemompel in de rechtzaal zegt genoeg.
33 's Ochtends word ik door Terry weer naar het Court House gereden.
32 'Kunt u ons uw naam noemen?' vraagt de advocaat.
31 Terry nodigt zichzelf de volgende ochtend bij mij thuis uit.
30 Als ik de volgende ochtend mijn ogen open, heb ik het vermoeden dat het allemaal niet echt is gebeurd.
29 's Ochtends belt Terry me het laatste nieuws door.
28 Mark my words, zei Terry, en dat klopte.
27 De volgende ochtend strompel ik naar de wc en geef over zonder geluid te maken.
26 Met gespreide armpjes en beentjes waaide een opvallend roze baby in mijn droom steeds rondjes in een luchtstroom ergens in de ruimte.
25 Het inpakken van een koffer vind ik een van de verdrietigste dingen die er zijn.
24 'Je stelt je echt verschrikkelijk aan,' zegt Terry tegen me in de auto.
23 Bij het uitchecken worden mijn koffers onderworpen aan een grondige controle.
22 Het klopt wat Terry zei, het slot is linksdraaiend.
21 Ik word vroeg in de morgen gewekt door het geblaat van geiten en het schor geroep van een hoeder.
20 's Avonds ga ik naar een bar die net open is gegaan.
19 Ik had nooit verwacht dat het gevoel ooit weer terug zou komen, maar als ik mezelf in de weerspiegeling van het raam zie staan, schep in mijn hand, mijn hoofd gutsend van het zweet, en mijn handen onder de aarde, moet ik concluderen dat het misschien gewoon mijn roeping is.
18 Als ik van de kiezels een lijnrecht pad leg van de voordeur naar het hek, staat Robert steeds naar me te kijken vanachter zijn keukenraam.
17 's Avonds drink ik me goed in voor ik naar de kiosk durf te gaan.
16 Toen ik gisteravond thuiskwam, keek ik op televisie naar een oude Franse zwart-witfilm waarin een man zijn baas vermoordde met een briefopener.
15 Als ik 's ochtends door de tuin strompel, zie ik dat er hier en daar kiezels naast het pad liggen.
14 Midden in de nacht zit ik op het veld met mijn goedkope harkje waarvan de tanden nu al krom zijn.
13 Ik zit in de Sebastian, een grote bar aan de boulevard die vanavond voor het eerst open is gegaan.
12 Vanaf de bank zie ik hoe Jeremy Kyle tegen een vrouw schreeuwt die volgens het onderschrift bijna driehonderd kilo weegt.
11 In de dagen die volgen, hou ik steeds mijn mobiele telefoon bij de hand, maar Terry belt me niet.
10 's Ochtends ligt het diertje in diepe slaap op mijn schoot.
9 De volgende dag rij ik met het beestje naar Kos-stad.
8 In de loop van de volgende week knapt het katje zienderogen op.
7 Ik hoop heel erg dat je deze e-mail niet meteen naar de prullenbak verplaatst.
6 's Avonds breng ik na het eten nog snel een bezoek aan het internetcafé op de boulevard.
5 'En wat dan nog?' zeg ik.
4 Vanmorgen was overgeven het eerste wat ik deed, en dat verbaast me niets; ik doe het nu bijna elke ochtend.
3 Mijn buren lijken verdwenen.
2 Als ik de volgende morgen op de bank wakker word en gapend naar de keuken strompel om thee te zetten, bedenk ik tot mijn grote schrik dat het katje niet binnen is.
1 De man met de geiten houdt mijn mobiele telefoon stevig in zijn vieze handen.

De vraag die resteert is: is het een kwestie van smaak als je die hoeveelheid tijdsaanduidingen niet mooi vindt of is de kritiek terecht?

vrijdag 27 mei 2011

Recensie David Pefko - Het voorseizoen

De val van een rechercheur

Erg goed kennen de collega's rechercheur Steve Mellors niet. Dat blijkt wel als ze hem op zijn vijftigste verjaardag een tuinset geven. Sinds zijn scheiding woont Mellors echter op een appartementje. Er is wel meer wat zijn collega's niet weten: dat hij stiekem naar datingsites surft op zijn werk, dat hij daardoor wel eens een proces-verbaal kwijtraakt en dat hij zijn seksuele vertier vindt in een bordeel. Het zijn kleine vergrijpen van een wat morsige, kale, dikke man die tesamen zorgen voor een langzame val.
Het voorseizoen is de tweede roman van David Pefko, Zijn debuut Levi Andreas verscheen anderhalf jaar geleden en in de tussentijd heeft hij uitgever Van Oorschot ingewisseld voor Prometheus. De verhaallijn is nu wat realistischer. Je gaat mee in het leven van de eenzame, continu drinkende Mellors uit Leicester die zwelgt in zelfmedelijden. Zijn foute keuzes neem je op de koop toe. Op het moment dat hij verliefd wordt op zijn vaste Oost-Europse hoertje Anca, met wie hij overigens weinig meer doet dan praten, gaat het fout. Zeker als hij haar ook nog in bescherming wil nemen tijdens een politie-inval waarover hij de leiding heeft. Zo lokt de ene misstap de andere uit en raakt Mellors steeds meer verstrikt in een web van leugens.

Het verhaal leest makkelijk weg, maar de stijl waarin het geschreven is, valt tegen. Zo heeft de helft van de honderd hoofdstukken een tijdsbepaling: ''s Ochtends; Als ik de volgende ochtend mijn ogen open; De volgende ochtend, Ik word vroeg in de morgen' etc. etc. Daar moet Pefko nog aan werken. Ook aan de vele keren dat hij zinnen begint met 'Toen', 'Terwijl' of 'Als' (soms vijf keer op een bladzijde). Een strenge redacteur had hier moeten ingrijpen. Een fraai geformuleerde zin zul je overigens tevergeefs zoeken in deze roman.

Dit alles neemt niet weg dat de hoofdpersoon, ondanks zijn geknoei, sympathiek blijft. Mellors is een loser die er op zijn onbeholpen wijze toch nog iets van probeert te maken. Hij probeert alleen maar goed te doen in zijn hulp aan zijn hoertje Anca. Door dat mededogen raak je als lezer betrokken in het literaire spel, want je bent met de tragische hoofdpersoon de enige die de waarheid weet gedurende de hele roman, zodat je soms met enige huivering verder leest om te zien welke leugen nu weer ontmaskerd wordt. Zo word je medeplichtig zonder te kunnen ingrijpen.

Coen Peppelenbos

David Pefko - Het voorseizoen. Prometheus, Amsterdam, 415 blz. €19,95.

zaterdag 2 januari 2010

Jan van Mersbergen en mijn recensie over Levi Andreas

Jan van Mersbergen kan het niet laten. Eerst had hij al een hekel aan de Tzum-prijswinnaar en vandaag twittert hij rond wat hij in besloten kring al langer over mij beweert. Het heeft overigens niets te maken met mijn negatieve recensie over Zo begint het vorig jaar.

Vandaag plaatste ik een niet positieve recensie over Levi Andreas op mijn site. Schrijver David Pefko twitterde dat rond evenals een zeer positieve recensie bij 8weekly. Van Mersbergen twittert meteen terug:
JvM: @DavidPefko Ah Peppelenbos! Altijd prettig, een recensent die precies weet hoe het wel moet.
Schrijver Henk van Straten (van Smet) gaat zich er ook mee bemoeien.
HvS: @DavidPefko Het kan verkeren, David.
En dan gaan de mannen los.
JvM: @henkvanstraten Heeft Peppelenbos wel eens over jouw boeken geschreven? Ben ik toch wel benieuwd naar.

HvS:@janmersbergen Nimmer. Ik ben waarschijnlijk TE macho voor de man.

JvM:@henkvanstraten Haha. Zijn voorkeur voor slappe homo-lectuur gekoppeld aan Smet... ik zie het al voor me.

JvM:@DavidPefko @Hanstw Peppelenbos kent geen argumenten. Eerder een literatuurmoraal van het ergste soort, met voorkeur voor homo-schrijvers.

HvS:@janmersbergen En ik heb natuurlijk veel tattoos. Misschien is hij bang dat ik hem kom opzoeken.

JvM:@henkvanstraten Voor mijn volgende roman laat ik ook wat ankers en zeemeerminnen zetten, op mijn onderarm. Ben ik van dat orakel af.

JvM:@DavidPefko Laf gedoe, en vooral overschat hij zijn invloed. Die reikt niet verder dan Roode School.

Recensie: David Pefko - Levi Andreas

Weg van de strijkplank

Met twee andere vrouwen strijkt Rosa wasgoed in een stomerij. Ze is te hoog geschoold voor het baantje, maar de eentonigheid van het werk past goed in de verwerking van de zelfmoord van haar moeder. Haar broer is direct na haar dood naar New York gevlogen en nooit meer teruggekomen. Haar vader is een beetje in de versukkeling geraakt.


De dingen veranderen in de stomerij als Rosa in een overhemd een nogal angstaanjagend briefje vindt van Levi Andreas. Vanaf dat moment is ze erop gebrand om deze Levi te vinden. Een notitieboekje van hem dat ze via een zieke collega in handen krijgt, zet haar verder op het spoor, maar datzelfde boekje is ook de oorzaak van een reeks schokkende gebeurtenissen in de stomerij. Een moord zorgt ervoor dat de stomerij dichtgaat en daarnaast is de dood van haar vader het laatste zetje in de rug van Rosa om zich weer letterlijk in het leven te begeven. Dat doet ze eerst in de voetstappen van Levi Andreas: ze gaat naar zijn vaste hotel in Brussel en vanaf dat moment begint er een wat vreemde correspondentie op gang te komen.
In Levi Andreas, het debuut van David Pefko (1983), is gekozen voor deze nogal ingewikkelde manier om de hoofdpersoon uit haar lethargie te wekken. In het eerste deel lees je alternerend de verhaallijn van Rosa en van Levi, maar naarmate we verder in de roman komen en Rosa Levi dichter op de hielen zit kom je minder en minder van Levi te weten. Alleen zijn brieven aan haar geven nog wat informatie.
Er zitten twee bezwaren aan de brieven. Als Rosa eerst gewoon in de roman vertelt wat ze doet en waar ze naar toe gaat (ze gaat zelfs diep Zuid-Amerika in, naar het einde van de wereld, om Levi te vinden) en daarna nog eens in haar brieven opschrijft wat ze net verteld heeft, dan krijg je overbodige herhalingen in de roman. De roman had met wel honderd bladzijden ingekort kunnen worden en dan was er niets essentieels verloren gegaan.
Daarnaast is het nogal ongeloofwaardig dat de brieven tussen Rosa en Levi telkens aankomen. Al bevinden ze zich zelfs in de meest onbewoonbare gebieden, er komt toch nog een oud vrouwtje aanlopen met de bewuste brief in de hand. Als de TNT maar half zo efficiënt was! Ik heb lange tijd ook gedacht dat die hele Levi Andreas slechts een imaginaire figuur was, bedacht door Rosa om zich een weg naar het leven te banen. Alleen in die constructie wordt de ongeloofwaardigheid opgeheven, omdat je dan te maken zou hebben met een onbetrouwbare verteller. Dat is, denk ik, een foutieve lezing van deze roman (maar romantechnisch zou die lezing heel wat problemen uit de weg ruimen).
Het begin van de roman, dat nog zeer realistisch is, vind ik het sterkst; naarmate het verhaal vordert en het meer over de zin van het leven gaat, de vlucht voor het bestaan en het einde van de wereld, neemt ook een vet romantische toon, die niet mijn voorkeur heeft, de overhand. Ik ben wel benieuwd naar een volgend boek van David Pefko, want ik vraag me af in welke richting hij zich gaat ontwikkelen.

Coen Peppelenbos

DAVID PEFKO – Levi Andreas. Van Oorschot, Amsterdam, 380 blz. €17,50.
Deze recensie verscheen ook op Literair Nederland, 2 januari 2010.